Het is vrijdag zes uur ’s avonds, de bellenman steekt zijn bel in de lucht, zwaait er een vijftal keer mee en kondigt met veel trots de burgemeester aan. In de Pacificatiezaal van het Gentse stadhuis verzamelen journalisten en genodigden zich allemaal rond Daniël Termont. “Wat is het verschil tussen Gent en Landen? In Landen gebruiken ze muziek om mensen weg te jagen, in Gent om volk te lokken”, grapt hij in sappig Gents.