reacties (0)

Museum Folkwang in het Duitse Essen pakt dit najaar uit met de tentoonstelling De Schaduw van de Avant-Garde: Rousseau en de Vergeten Meesters. De focus ligt op werken van autodidactische kunstenaars uit de twintigste eeuw. Curatoren van dienst zijn Kasper König en Falk Wolf.

De tentoonstelling toont een reeks autodidactische of self-taught kunstenaars uit de 20ste eeuw. De bekendste hiervan is zonder twijfel Henri Rousseau. Hij wordt gezien als de eerste moderne niet-academische schilder. Naast Rousseau zijn ook werken van Séraphine Louis, William Edmondson en Bill Traylor terug te vinden in de tentoonstelling. Curatoren Kasper Hönig en Falk Wolf kiezen naast niet-academische schilders ook voor een reeks traditionele kunstenaars uit het modernisme, zoals Piet Mondriaan en Pablo Picasso.

Stop met hokjesdenken

König en Wolf vonden elkaar in het idee om een tentoonstelling te brengen waarbij de focus zou liggen op kunst die niet in het traditionele schema van de kunstgeschiedenis past. De tentoonstelling toont dan ook werken die voor tientallen jaren niet publiek vertoond zijn. Zo proberen de curatoren een eerbetoon te brengen aan de complexiteit ervan. Ook willen ze aantonen dat je geen academische opleiding nodig had om als modernist te werken.

Gedurende de laatste eeuw kwam er een steeds duidelijkere afbakening tussen deze zogenaamde brutale of naïeve kunst aan de ene en het modernisme en avant-garde aan de andere kant. Met deze tentoonstelling proberen König en Wolf komaf te maken met het hokjesdenken hierrond. Ze trachten deze “naïeve” kunstenaars naast de traditionele kunstenaars te plaatsen en aan te tonen dat autodidactische kunst een volwaardige tegenhanger is van andere moderne kunststromingen.

Toonaangevend museum

De keuze voor Museum Folkwang was bewust. Het museum staat immers bekend om zijn verzameling modernistische kunst. De afgelopen decennia groeide het uit tot een van de meest toonaangevende kunsthuizen in Duitsland. Volgens Hönig is het dan ook dé geschikte locatie om het radicale en vernieuwende van deze autodidactische kunst te spiegelen aan de belangrijkste werken van de moderne en hedendaagse kunst.

De kunstliefhebbers die niet genoeg hebben aan één tentoonstelling, kunnen gratis de rest van het museum bezoeken. De grotere tentoonstellingen zijn betalend, maar de vaste collectie is de komende vijf jaar gratis te bezichtigen. Op die manier probeert het museum de toegankelijkheid te vergroten om mensen dichter bij de moderne kunst te brengen.

© 2015 – StampMedia – Thomas Verstrepen


Reacties

Plaats een reactie