• Elke dinsdag-, woensdag- en donderdagmiddag StampLab, waar je experimenteert met media

  • Boek een mediawijze workshop voor je klas of organisatie

© Dries Basraoui

Drie jaar na de aardbeving in Marokko: “Sommigen krijgen steun, anderen niet”

Exact drie jaar geleden werd Marokko opgeschud door een aardbeving. Bijna drieduizend mensen lieten het leven en bijna vierhonderdduizend mensen hadden tijdelijk of permanent geen onderdak volgens het Rode Kruis. Tot vandaag leven sommigen in tenten. De schade is nog steeds zichtbaar en op sommige plaatsen gaat de wederopbouw traag. Correspondent Dries Basraoui was ter plaatse om te kijken hoe het er nu aan toe gaat.

Ik ben in Amizmiz, een stad in de provincie Al Haouz in Marokko, op zo’n 55 kilometer ten zuiden van Marrakesh. De stad werd drie jaar geleden zwaar beschadigd door een aardbeving van een magnitude van 6,8. Buiten de stad werden dorpen in de hoger gelegen gebieden met de grond gelijkgemaakt. Ik rijd naar Tafeghaghte, een dorpje buiten Amizmiz in het Atlasgebergte. Door de slechte en smalle wegen ben ik gedwongen om er met de auto stapvoets naartoe te rijden. Wanneer ik het dorp nader, wordt de schade steeds zichtbaarder: grote hopen puin langs de weg, verwoeste huizen en tenten waarin mensen leven die hun huis verloren.

Terwijl ik door het dorp wandel, wordt het overduidelijk dat hier een aardbeving plaatsvond. Maar dat het exact drie jaar geleden was, kan ik me nauwelijks voorstellen. Het schrille contrast tussen wederopbouw en verwoesting is opvallend: aan de ene kant enorme puinhopen en compleet verwoeste huizen, aan de andere kant gerenoveerde huizen met een nieuwe grijze bakstenen voorgevel.

Nog steeds in tenten

Marokkaanse vlaggetjes wapperen boven de tent van Aicha en Ider, een ouder koppel dat sinds de aardbeving noodgedwongen in een tent leeft. Bij slecht weer regent het binnen en wordt de droge aarde modder. Wanneer ik vertel dat ik journalist ben die verslag uitbrengt over het leven drie jaar na de aardbeving, barst Aicha in tranen uit. Alsof alle emoties van de voorbije jaren plots loskomen.

Volgens Ider stierven er zeker 78 mensen in het dorp. Ider verloor ook zijn 65-jarige broer. De hulp werd niet altijd eerlijk verdeeld, vertelt het koppel. Tot vandaag ontvingen ze geen financiële steun. “De gewone hulp werd verdeeld over iedereen, maar wanneer we ons moesten gaan inschrijven om financiële steun te krijgen bij de wijkagent, ontstonden er gevechten over wie er eerst mocht gaan. Ook nu zijn er nog spanningen. Sommigen krijgen steun, anderen niet. Wat zou jij doen als de meeste van je buren ondertussen in een huis leven en jij niet?”

“Wat ik het hardst mis van het leven voor de aardbeving zijn onze dieren. De schapen, geiten en koeien”, vertelt Ider. Als ik hen vraag hoe ze kijken naar de toekomst, zeggen ze: “We kunnen alleen op Allah rekenen. Alleen hij weet wat de toekomst zal brengen.”

Hun verhaal staat in schril contrast met de officiële cijfers van de Marokkaanse overheid. In een persbericht dat de Marokkaanse overheid een jaar geleden verspreidde, staat dat de wederopbouw van de woningen voor 91,33 procent voltooid is en dat de tenten die direct na de natuurramp waren opgezet om de slachtoffers onderdak te bieden, volledig zijn afgebroken.

Ik vertrek terug richting het centrum van Amizmiz. Hoe verder ik ben van de drukke binnenstad, hoe meer schade ik zie. In de buurt achter het stadscentrum ontmoet ik Krimane, een oudere winkeluitbater. Volgens hem stierven 36 mensen uit de buurt. “Het grootste probleem na drie jaar is dat nog niet alle mensen financiële hulp kregen. Ook ik kreeg geen financiële hulp, al is er veel schade aan mijn huis.” Financiële steun van de overheid is broodnodig, vindt hij. “Mensen beschikken niet over de middelen om hun huis zelf te heropbouwen.”

“Mensen beschikken niet over de middelen om hun huis zelf te heropbouwen”

Krimane (winkeluitbater)

Eenmaal terug in het centrum, spreek ik met Walid*, een inwoner die anoniem getuigt. Ook hij vertelt dat de overheid haar best niet heeft gedaan voor de wederopbouw en dat sommige mensen wel hulp kregen en anderen niet. “En wie hulp kreeg, werd niet genoeg geholpen.” Walid ontving van de overheid 2.000 euro voor barsten in de muren van zijn huis. Een schatter vertelde dat hij recht had op 8.000 euro.

Volgens Walid zijn er verschillende projecten aan de gang of gepland, zoals een nieuwe school of plannen voor straatverlichting. “In oktober zou de hele infrastructuur worden aangelegd: riolering, elektriciteit, internet, jongerencentra en huizen.” Officiële bronnen die dat bevestigen, zijn er niet. “Hoewel er plannen zijn, is er drie jaar lang amper iets gebeurd”, beweert Walid.

Op woensdag 23 september 2026 kiest Marokko een nieuw parlement. “Nu de verkiezingen dichterbij komen, bereiden de inwoners van Amizmiz en de provincie Al Haouz – vooral in de door de aardbeving getroffen gebieden – zich voor om te gaan stemmen. Ook zijn er inwoners die overwegen de verkiezingen te boycotten, uit ontevredenheid over de aanpak van de wederopbouw en steun aan de slachtoffers”, vertelt Walid.

Volgens Walid vond er nog maar een week of twee geleden een lichte aardbeving plaats in Amizmiz. “De lokale bevolking is er ondertussen aan gewend geraakt. Tegenwoordig beeft heel Marokko, bang zijn we dus niet meer”, lacht hij.

Gebrekkig gezondheidssysteem in dorpen

Wanneer ik terug in België ben, spreek ik met Petrus Herpoele, hoofd van de delegatie van het Duitse Rode Kruis in Marokko. Herpoele was al in Marokko voordat de aardbeving plaatsvond. Met het Duitse Rode Kruis heeft hij op verschillende plekken in de regio Al Haouz projecten op poten gezet. “Het is belangrijk om onderscheid te maken tussen wat ontwikkelingsorganisaties, humanitaire hulpverleners en de overheid doen. Er hebben inderdaad veel hulporganisaties tenten voorzien en zo de mensen onderdak gegeven. Vervolgens zoeken we naar een duurzame oplossing. Zo heeft de Marokkaanse overheid een fonds opgericht voor de wederopbouw van huizen. Daar konden mensen de schade aan hun woning laten registreren. Dan komt iemand van de overheid de schade vaststellen en zeggen of iemand al dan niet in aanmerking komt en voor hoeveel.”

“Zaken als een medische hulppost, een dokter of een hulppost met een referentiesysteem naar een meer gespecialiseerd ziekenhuis ontbreken”

Petrus Herpoele (hoofd van de delegatie van het Duitse Rode Kruis in Marokko)

Een van de grootste uitdagingen waar de lokale bevolking op dit moment tegenaan loopt, is het gebrek aan een gezondheidssysteem in de dorpen, zegt Herpoele. “Zaken als een medische hulppost, een dokter of een hulppost met een referentiesysteem naar een meer gespecialiseerd ziekenhuis ontbreken.” De oorzaak daarvan ligt volgens hem bij de onbereikbaarheid van de dorpen. “Het is veel makkelijker om een gezondheidssysteem op poten te zetten in een meer stedelijke omgeving waar iedereen per definitie dicht op elkaar zit.”

Nu, drie jaar na de aardbeving, rondt het Duitse Rode Kruis zijn aardbevingsrespons af. “We blijven de Marokkaanse Rode Halve Maan wel steunen met nieuwe projecten”, zegt Herpoele. “We hebben veel geleerd van de aardbeving. De Marokkaanse Rode Halve Maan is nu beter gewapend om te reageren op rampen in de toekomst.”