©Jens Koornstra

De laatste keer dat er oorlog uitbrak in Europa, was mijn overgrootmoeder 20 jaar. Nu er weer oorlog dreigt, deelt zij haar ervaringen met generaties die nooit oorlog hebben gekend.

“Dat ben ik,” zegt Maatje Boogaard-de Hooge uit Vlissingen, “in de weilanden. Toen had ik verkering met opa, dus ik zal 20 jaar oud geweest zijn.” Maatje is de oma van mijn moeder, dus mijn overgrootmoeder. Ze is in 1920 geboren, dus de foto waar ze naar wijst is gemaakt in 1940 - toen de Tweede Wereldoorlog net uitgebroken was. Mijn overgrootmoeder heeft dus meegemaakt hoe de Duitsers Nederland binnenvielen, en hoe Europa vrede verruilde met oorlog.  

©Boogaard-de Hooge
Eigenlijk dacht je dat het na 1918 gedaan was met oorlogvoeren.

Maatje vertelt hoe het allemaal heel plotseling gebeurde. “Toen de oorlog uitbrak, was ik in Den Helder. Ik zag een gevechtsvliegtuig aankomen, en dat begon te schieten. Toen heb ik heel hard gelopen, de dijk af. We zijn daarna heel snel naar huis gegaan.”

Ze heeft alleen de Tweede Wereldoorlog meegemaakt, maar toch hebben beide wereldoorlogen een indruk op haar gemaakt. “Ik zeg altijd dat ik een naoorlogs kind ben. Ik ben na de Eerste Wereldoorlog geboren, maar ik heb er wel de naweeën van meegemaakt. Ik was nog maar een peuter, maar dat moeten rotjaren geweest zijn. We hebben toen twintig jaar het gewone leven gehad, voor het weer oorlog werd.”

Sinds 1945 leven we in het Westen in vrede, maar nu Rusland de druk in Europa weer opvoert, komt het idee van oorlog een stuk dichterbij. Voor mijn generatie is dat voor het eerst, maar mijn overgrootmoeder heeft die dreiging dus al meerdere keren ervaren. Toch was het voor haar indertijd niet zo duidelijk dat het zo zou misgaan. “Ik zal wel bang geweest zijn, dat vermoed ik toch. Maar eigenlijk dacht je dat het na 1918 gedaan was met oorlogvoeren.” 

©Jens Koornstra

Oorlog is moeilijk te voorspellen. Meer dan veertig jaar later, in de jaren ‘80, waren heel veel mensen bang dat er weer een oorlog zou komen, dit keer tussen de Amerikanen en de Sovjet-Unie. De dreiging was groter dan ooit, omdat beide grootmachten kernwapens bezaten. Met zulke allesvernietigende wapens was een oorlog extra gevaarlijk voor beide kanten. En niet alleen voor de Amerikanen en de Sovjets, maar ook voor de Europeanen die ertussenin woonden. Er kwamen massale protesten tegen nucleaire wapens in Amsterdam en andere grote steden.

De bezorgdheid nam in 1986 nog eens toe door de kernramp van Tsjernobyl, in het huidige Oekraïne. Een reactor van de kerncentrale explodeerde, en het gebied eromheen is anno 2022 nog steeds niet bewoonbaar. Duizenden of zelfs tienduizenden mensen zijn door de kernramp overleden. De ramp wakkerde de angst voor alles wat nucleair is flink aan.

De Koude Oorlog ging voorbij zonder een echte oorlog in Europa, misschien juist wel door het afschrikwekkende effect van de destructieve kernraketten. Mijn 102-jarige overgrootmoeder kijkt er met een zekere gelatenheid op terug: “We hadden er weinig benul van. We wisten toen nog niet zo veel, nu weet je er meer over. Je merkte de dreiging wel, maar je wist helemaal niet of er oorlog van zou komen.” 

Ik kan er alleen maar aan denken hoe zinloos het allemaal is.

Net zoals mijn overgrootmoeder dacht dat het na 1918 wel afgelopen was met oorlog in Europa, dacht ik dat de spanningen tussen Rusland en het Westen zo goed als voorbij waren na de val van de Berlijnse Muur in 1989. De NAVO en de Europese Unie leken zo sterk te staan dat geen enkel land zomaar in de buurt durfde te komen. Niets blijkt minder waar. Het is de eerste keer dat mijn generatie een dergelijke dreiging voelt, wat op zich aangeeft hoe lang het al pais en vree is in ons deel van de wereld. Toch is de Russische agressie, met de geschiedenis in het achterhoofd, op z’n minst verontrustend voor de vrede in de rest van Europa.

De aanloop naar de Tweede Wereldoorlog en het hoogtepunt van de Koude Oorlog geven de huidige situatie een historisch perspectief. Niemand weet hoe de oorlog in Oekraïne zich zal ontwikkelen, en niemand weet of de oorlog zich uitbreidt naar andere landen - net zo min als mensen dat konden voorspellen in de jaren ‘30 of ‘80. Bang of niet bang, de toekomst voorspel je er niet mee. Eén ding is zeker volgens mijn overgrootmoeder: “Mensen leren nooit, het zijn stomme idioten. Ze willen allemaal de baas zijn, maar wat komt er nu eigenlijk van terecht? Het zal wel zo moeten, zeker.”

Oorlog en de dreiging die ervan uitgaat houden de gemoederen bezig. Sinds de Russische inval van afgelopen februari weten veel meer mensen waar Odessa en Marioepol liggen, en proberen we de Oekraïense vluchtelingen te helpen met geld, spullen, en onderdak. Maar daarnaast zijn velen er niet gerust op dat we zelf gespaard blijven voor oorlogsgeweld: de afgelopen maanden zijn er grote hoeveelheden jodiumtabletten afgenomen van de apotheken, die ons zouden moeten beschermen tegen stralingsziektes bij een nucleaire explosie.

Mijn overgrootmoeder volgt zelfs op haar hoge leeftijd de actualiteit nog scherp. “Ik weet niet wat er nu gaat gebeuren in Europa. Ik kan er alleen maar aan denken hoe zinloos het allemaal is.” Het doet haar denken aan de zinloosheid van de Tweede Wereldoorlog. “Bij Souburg, het dorp hiernaast, was een vliegveld. Mijn oom stond daar op een walletje toen er een granaatscherf zijn kant op kwam. Hij was meteen dood. Waar is dat allemaal goed voor?” 

vorige volgende