© Inke Gieghase
reacties (0)

Meli Awouters doorbreekt de rechtlijnige labels die de maatschappij op gender heeft geplakt. Ze voelt zich meer dan enkel vrouw. Het wordt tijd om de stereotypering te doorbreken en de genderhokjes open te trekken tot een genderspectrum.

"Mijn eigen gender omschrijven vind ik iets heel moeilijk. Ik kan het sowieso niet in een hokje plaatsen. Ik voel me wel vrouw,  maar soms voel ik me ook meer dan dat. Dat hokje is te klein. Het past niet. Ik verschil bijvoorbeeld van mijn vriendinnen. Ik omarm mijn mannelijke kant meer. Ik heb soms mijn vrouwelijkere dagen. Dan draag ik bijvoorbeeld make-up. Een kleedje is er wel over. (lacht) Maar ik heb ook mijn mannelijke dagen. Dan ga ik met de jongens weg en ben ik een van hen. Ik vind het wel moeilijk om het met mannelijk en vrouwelijk te omschrijven. Als ik mannelijk en vrouwelijk zeg, plak ik er zelf een hokje op. De vraag is wat een mannelijke en wat een vrouwelijke eigenschap is. Daarom zit ik ook niet graag in een hokje. Ik heb soms echt de neiging om als er ergens m/v/x/staat, de x aan te kruisen. Maar toch houdt iets mij tegen. Soms staat het er niet eens bij. Als het er dan wel bijstaat, heb ik soms ook het gevoel dat het er gewoon staat om goed te doen."

Onbekend

"Onlangs heb ik een video gezien van iemand die zich ook niet thuis voelde in de binaire hokjes van man en vrouw. Vrienden van mij vroegen zich dan af hoe iemand niet zeker kan zijn van hun gender. Als ik dan zei dat ik ook niet helemaal thuishoor in een hokje, waren ze verbaasd. En de meesten van hen zitten zelf in de LGBT+ gemeenschap. Voor mij is het allemaal gewoon menselijk. Ik zie niet in hoe andere mensen kunnen zeggen dat zij ergens veilig in hun hokje zitten en we ver van elkaar staan. Ik heb ooit een artikel gelezen over een Amerikaanse indianenstam die vijf erkende genderidentiteiten heeft: een man, een vrouw, beide, een vrouw met mannelijke kenmerken en een man met vrouwelijke kenmerken. Ik zou dan ergens op de schaal tussen ‘beide’ en ‘vrouw met mannelijke kenmerken’ zitten. Ik vind een schaal ook een goede manier om het te omschrijven."

Voetballen is te mannelijk

"Ik ben wel trots op mijn vrouwelijk lichaam. Ik voel me daar comfortabel bij. Maar innerlijk voel ik mij veel meer dan dat alleen. Mijn mama wil altijd dat ik een kleedje draag en mooi haar heb en mijn papa vraagt dan voor de grap of ik een jongetje wil worden. Het is niet omdat ik mijn mannelijke kant omarm, dat ik een jongen wil zijn. Voor hen is dat heel anders. Zij zien dat zwart-wit. Mijn ouders hebben mij als een echt meisje willen opvoeden. Bij mijn peter en tante was dat niet zo. Als ik bij mijn tante was, mocht ik altijd jongenskleren dragen. Als ik daar aankwam, kleedde ik mij meteen om en ging ik buiten ravotten. Maar thuis mocht ik bijvoorbeeld niet gaan voetballen omdat dat als iets mannelijks wordt gezien. Ik snap dat wel. Ik ben de oudste dochter en ik heb nog een jonger broertje. Voor mama was het ‘prinsesje en prinsje'. Nu zegt ze soms dat ze geen prinsesje heeft. Ergens wringt dat soms wel. Aan de andere kant snap ik het ook. Maar ik kan mezelf niet veranderen. Ik ben nu eenmaal wie ik ben."

Opgroeien zonder hokjes

"Op school heb ik nooit iets meegekregen over gender. Vanaf jonge leeftijd daarmee bezig zijn, is toch wel belangrijk. Toen ik een tijdje geleden in de frituur stond, stond er een klein meisje aan de toog en ze vroeg aan haar papa of ik een jongen ben. Dat was wel ergens grappig, maar aan de andere kant voelde ik mij ook beschaamd. Je kan daar wel inkomen, want ze is zo opgevoed. Er wordt hen verteld wat meisjes dragen en wat jongens dragen. Ik denk dat als je kinderen anders opvoedt, ze er ook anders over zouden denken. Als kinderen met elkaar spelen, maakt gender niet uit. Kinderen zijn daar heel liefdevol in. Volgens mij wekt het ook meer begrip op, als je dat van op een jongere leeftijd gaat ondersteunen."

"Ikzelf ben er ongeveer drie jaar geleden achter gekomen dat er meer is dan enkel man en vrouw via online media. Via die weg juiste informatie verspreiden, kan zeker ook helpen. Sommige mensen willen zich er nog steeds fel tegen verzetten. Het moet duidelijk zijn dat je andere mensen niet in hokjes hoeft te duwen. Hou het menselijk. We hebben allemaal wel iets gemeenschappelijks. Zo verschillend zijn we niet."

Geen roze of blauw

"Mijn grootste ergernis in het dagelijks leven zijn kledingwinkels of kappers. Bijvoorbeeld kappers die zeggen dat ze alleen maar het haar van mannen knippen. Dan vraag ik mij af wat het verschil is tussen mijn haar en dat van een man."

"Dan heb je ook die scheidingslijn in een kledingwinkel. Daar erger ik mij het meeste aan. Kleedjes zijn niet enkel voor vrouwen. Dat is zoals je Nederland en Frankrijk hebt en vergeet dat België ertussen ligt. Ik ga ook gewoon naar de mannenkleedkamers als ik op de mannenafdeling winkel. Daar heb ik nooit echt problemen mee gehad."

"Ik zeg altijd tegen mijn mama dat als ik later kinderen zou hebben, ze ze ooit blauw of roze mag geven, enkel groen. Ik zou hen de vrijheid geven om hun gender zelf te ontdekken. Naar de kledingwinkel gaan en hen laten kiezen wat ze mooi vinden. Hen niet verplichten om uit een hokje te kiezen. Het is wel gemakkelijker als je jezelf geen zorgen moet maken om aanvaard te worden."


Dit artikel werd gepubliceerd door Het Nieuwsblad - online op 06/06/2018
Dit artikel werd gepubliceerd door NewsMonkey.be op 06/06/2018

vorige volgende

Reacties

Plaats een reactie