• Onze zomerkampen staan online, check ze hier en schrijf je in

  • Elke woensdagmiddag StampLab, waar je experimenteert met media

  • Kom met ons mee naar festivals deze zomer om te reporteren

© Pexels, Petar Starcevic

Roxette (20) groeide op als Nederlandstalig meisje in Brussel: “Bij het minste taalfoutje werd ik uitgelachen”

Te Vlaams voor de Franstaligen, te Frans voor de Vlamingen net buiten de rand van Brussel. Dat is het gevoel waarmee Roxette* moest opgroeien als kind en tiener. “Ik begreep zo goed als alles in het Frans, maar ik was heel bang om het te spreken.”

Omwille van privacyredenen is Roxette een schuilnaam.

“Ik woon al mijn hele leven in Brussel. Ik ben er geboren en getogen. Mijn volledige familie is Vlaamstalig en de meerderheid is afkomstig uit Oost-Vlaanderen. Uiteraard ging ik ook naar het Nederlandstalig onderwijs, maar gek genoeg  was ik als Nederlandstalige altijd de minderheid in mijn klas. Ik was het enige Nederlandstalige meisje. Er was nog een Nederlandstalige jongen. De rest van mijn klas was Franstalig van thuis uit. In de lagere school was dit soms moeilijk. Ik voelde me vaak alleen en uitgesloten.”

“De Franstalige kinderen keken bijvoorbeeld allemaal naar andere tv-programma’s dan ik en spraken op de speelplaats Frans. Dat zorgde ervoor dat ik niet kon meepraten met hen en me niet in de groep begrepen voelde. Als ik mee wilde doen met hen en Frans wilde spreken, voelde ik me heel bekritiseerd. Bij het minste foutje werd ik uitgelachen en toch weer uitgesloten. Dit terwijl zij ook niet altijd perfect Nederlands spraken.”

“Op die leeftijd begreep ik al zo goed als alles in het Frans, maar ik was heel bang om het te spreken, bang om uitgelachen te worden en bang om fouten te maken. Tot vandaag durf ik geen Frans te spreken met die groep mensen. Het is een beetje een trauma.”

“Ik had wel altijd veel geluk met mijn juffen in de lagere school. Zij waren allemaal Nederlandstalig. Zij begrepen mij en zagen wat er gaande was. Ik kwam heel goed overeen met hen. Het was zelfs zo erg dat ik tijdens de les Frans niet meer durfde antwoorden omdat ik zo bang was. Ik had dat dan eens met mijn juf besproken en ze begreep het volledig. Ze hield er echt rekening mee en heeft me niet meer aangeduid in die specifieke lessen.”

“Het was altijd moeilijk om nieuwe vrienden te maken, omdat ik bang was om niet geaccepteerd te worden, simpelweg omdat ik Nederlands sprak”

Roxette (20)

“In de eerste jaren van de lagere school bleef het nog beperkt tot de speelplaats. Iedereen werd naar elkaars verjaardagsfeestje uitgenodigd. Maar hoe ouder we werden, hoe minder ik bij die groepjes hoorde. Ik ben ook gepest geweest in het lager. Uiteraard gebeurde dat altijd in het Frans.”

“Hetzelfde met hobby’s. Als Vlaamse Brusselaar waren al mijn hobby’s in Brussel voornamelijk in het Frans. Bijvoorbeeld: hockey, tennis, dans, alles was in het Frans te doen. Het was altijd moeilijk om nieuwe vrienden te maken, omdat ik bang was om niet geaccepteerd te worden, simpelweg omdat ik Nederlands sprak.”

“Zo kwam ik terecht bij een nieuwe hockeyclub waar ik echt mega graag wilde zitten. De eerste weken gingen supergoed. Ik had vrienden gemaakt en ik sprak feilloos Frans. Niemand merkte dat ik Nederlandstalig was, omdat ik doorheen de jaren een heel Frans accent had gekweekt.”

“Alles ging goed, tot iemand ontdekte dat ik op een Nederlandstalige school zat en Nederlandstalig was. Vanaf dat moment keerde alles. Opeens had ik geen vriendinnen meer, geen uitnodigingen meer, niks meer. Op dat moment voelde ik me zo alleen en verloren. Ik was boos. Ik was boos dat mijn ouders mij niet helemaal tweetalig hadden opgevoed. Ik was boos dat ik niet Franstalig was. Ik was boos.”

“Ook opvallend: je had een bepaalde kledingstijl nodig om bij de Franstaligen geaccepteerd te worden. Het was vooral merkkledij die je moest dragen. Denk aan Bellerose, Zadig & Voltaire, … Daar deed ik ook aan mee. Ik had het geluk dat mijn ouders me wilden helpen en dit voor me wilden doen. Dat zorgde al voor een beetje meer inclusie.”

“Ik ben dan naar een school gegaan net buiten Brussel. Daar werd ik dan plots weer gezien als de Franstalige Brusselaar. De omgekeerde wereld!”

Roxette (20)

“Het extra frappante ding was dan weer toen ik naar het middelbaar ging. Je moest de scholen opgeven waar je naartoe wilde en dan werd jou een school toegewezen op basis van loting. Normaal gezien hebben de kinderen waarvan beide ouders Nederlandstalig zijn voorrang op hun eerste keuze, maar dit bleek in de praktijk absoluut niet het geval. Ik had zes scholen opgegeven en toch kreeg ik geen school toegewezen.”

“Ik stond overal op de wachtlijst. Het rare was: al mijn Franstalige klasgenoten met Franstalige ouders hadden allemaal hun eerste keuze gekregen. Dat maakte mij en mijn ouders razend. Ik ben dan naar een school gegaan net buiten Brussel. Daar werd ik dan plots weer gezien als de Franstalige Brusselaar. De omgekeerde wereld!”

“Ik werd telkens aangeduid tijdens de Franse lessen om het antwoord te geven en mensen zagen mij niet als één van hen. Weer niet. Desalniettemin was deze school de beste keuze van mijn leven. Ik ben wel mijn Frans accent kwijt waardoor de problemen in Brussel er nu opnieuw zijn, maar ik er heb supergoede vriendinnen aan over gehouden en ik ben echt gelukkig nu.”