Sien Kerckenaere moest op haar negentiende noodgedwongen alleen gaan wonen. Ze getuigt hoe ze in een labyrint van bureaucratie, maar ook van stigma en schaamte terechtkwam. “Studeren en zelfstandig wonen is financieel zwaar.”
Ik ben Sien Kerckenaere, 21 jaar. In november 2023 ben ik op mijn negentiende alleen gaan wonen. Niet omdat ik het wilde, maar omdat ik moest. Thuis voelde ik mij nooit veilig. Ik liep constant op de tippen van mijn tenen, bang voor iedere reactie, bang voor wat de avond zou brengen. Maar bang zijn in je eigen huis is niet normaal. Het was ook niet mijn thuis. Mijn thuis vond ik eerder bij vrienden, bij de mensen die wél naar mij luisterden.
Alleen gaan wonen was geen impulsieve beslissing. Het was een proces van acceptatie, van voorbereidingen, van drempels overwinnen. Ik studeerde voltijds en had geen stabiel inkomen, dus moest ik aankloppen bij het OCMW. Wat volgde was een administratieve rollercoaster: stapels papierwerk, gesprekken met een maatschappelijk werker, en de zoektocht naar een betaalbare woonst. En dat was misschien nog het moeilijkste.
Luisteren
Met een leefloon is het bijna onmogelijk om een huurcontract te krijgen. Verhuurders verwachten dat je driemaal het maandelijkse huurbedrag als inkomen hebt, maar dat was voor mij onrealistisch. Ik werd keer op keer afgewezen, zonder dat iemand echt luisterde naar mijn situatie. Totdat ik een verhuurder vond die mij wél een kans gaf. Eerst was ik net te laat voor een appartement, maar even later mailde ze mij dat er in hetzelfde gebouw een andere woonst vrijkwam. Zij luisterde naar mijn verhaal, stelde mij vragen in plaats van te oordelen, en gaf mij een kans. Zo kon ik een nieuw leven opstarten.
“Alleen wonen betekent veel meer dan alleen een dak boven je hoofd hebben. Alles moest ik regelen: huur, elektriciteit, water, internet, eten, ...”
Maar alleen wonen betekent veel meer dan alleen een dak boven je hoofd hebben. Alles moest ik regelen: huur, elektriciteit, water, internet, eten, ... en dat terwijl ik voltijds studeerde. Studeren en zelfstandig wonen is financieel zwaar. Je moet inschrijvingsgeld, studiepunten en schoolboeken betalen. Een studietoelage aanvragen, is opnieuw een hele administratieve rompslomp die je elk jaar opnieuw moet doorlopen. Gelukkig kon ik bij STUVO (de dienst studentenvoorzieningen, red.) terecht voor ondersteuning. Zij hielpen mij door samen te zoeken naar de juiste documenten en procedures.
Schuld
De psychologische ondersteuning daarentegen viel zwaar tegen. Toen ik mijn verhaal deed, kreeg ik het antwoord dat ik maar eens naar mezelf moest kijken, in plaats van de oorzaak bij anderen te zoeken. Het voelde alsof ik de schuld kreeg voor alles wat mij overkomen was. In plaats van steun kreeg ik het deksel op mijn neus.
Daarnaast botste ik op heel wat vooroordelen. Zodra mensen horen dat je een leefloon hebt, denken ze dat je lui bent, dat je gewoon niet wilt werken, dat je profiteert van het systeem. Maar wat ze niet zien, is de dagelijkse strijd. Het constant rekenen of je deze maand wel genoeg geld hebt voor drie maaltijden per dag. Het moeten afzeggen van sociale activiteiten omdat je een rekening moet betalen. Het gevoel dat je steeds moet bewijzen dat je wél verantwoordelijk en zelfstandig bent.
“Als de overheid echt wil dat jongeren hun weg vinden, moeten ze ons een stem geven. Laat ons meedenken over hoe het beter kan”
Ik loop er niet mee te koop dat ik leef van een leefloon. Er hangt een stigma rond. En eerlijk? Ik voel er ook enige schaamte bij. Niet omdat ik iets fout heb gedaan, maar omdat de samenleving mij dat gevoel geeft. Ik wil gewoon een jongere zijn. Ik wil plezier maken met vrienden zonder mij schuldig te voelen. Ik wil niet constant moeten uitleggen waarom ik geen job kàn nemen naast mijn studies.
Ik ben niet de enige in deze situatie. Ik heb iemand ontmoet die hetzelfde doormaakt. Wij helpen elkaar met papierwerk en administratie, maar dat zou niet onze taak moeten zijn. Het systeem zou ons moeten helpen, niet het leven nog moeilijker maken.
“Stop met vooroordelen”
Als de overheid echt wil dat jongeren hun weg vinden, moeten ze ons een stem geven. Laat ons meedenken over hoe het beter kan, want wij weten als geen ander hoe het is om in deze situatie te zitten. Stop met vooroordelen. Stop met te verwachten dat we alles zelf wel uitzoeken.
Ik leef niet in armoede of misschien toch wel. Maar de zin: “Je leeft in armoede” doet soms pijn. Ik loop er niet mee te koop, dus verberg ik het liever. Dus ik ga sneller zeggen: ik leef gewoon een beetje moeilijker dan comfortabel. Maar bovenal: ik leef. En ik wil gewoon jong kunnen zijn, ondanks alles.