©Emilia Kerstens

Wanneer we een huisdier nemen, doen we dat met de bedoeling het een zo goed mogelijk leven te geven. Zijn we als mens echter wel in ons recht om hun leven zo in handen te nemen?

Onze visie op dieren blijft antropocentrisch: de mens staat centraal en kan wikken en beschikken over alle wezens. Dieren moeten in de eerste plaats tegemoet komen aan onze noden. Dat is overduidelijk zo in de vee-industrie, maar ook onze geliefde huisdieren hebben een vooropgesteld nut: ons gezelschap houden.
Niet dat we ermee kunnen doen wat we willen. Zo legt de wet over het dierenwelzijn regels op aan kwekerijen, asielcentra en dierenparken. Voor dierenrechtenorganisatie Gaia (Global Action in the Interest of Animals) is de wet lang niet voldoende. Zij voeren campagne om het dierenwelzijn in de grondwet op te nemen om hun bescherming maximaal te garanderen. Het grootste pijnpunt in de huidige wetgeving: dieren worden nog steeds beschouwd als objecten of goederen, en zijn dus per definitie het bezit van mensen.
In januari 2020 werd in het burgerlijk wetboek een artikel opgenomen waarin dieren, naast mensen en goederen, een aparte rechtscategorie krijgen. Hierdoor wordt erkend dat zij gevoelens hebben. Dit heeft bijvoorbeeld tot gevolg dat een rechter bij een echtscheiding kan beslissen over het hoederecht, zoals dat bij kinderen het geval is. Daarnaast wordt bij een faillissement van een dierenkweker meer prioriteit gegeven aan een goede plaatsing van de geredde beesten. 

Hoewel dus al rekening gehouden wordt met de bescherming van dieren, blijft het zeer eenvoudig er een in huis te halen zonder enige controle. De vraag rijst dan ook of we als mensen wel het recht hebben om te beslissen over het leven van andere wezens.

“De vrijheid van huisdieren is natuurlijk dubbel, maar vrijheid is eigenlijk altijd beperkt. Mensen moeten zich ook houden aan de regels die gelden in de maatschappij. Al is de vrijheid van dieren veel beperkter dan die van ons”, zegt Eva Paridaens. Als gedragstherapeut is ze gespecialiseerd in het gedrag van dieren en ze helpt mensen met hun opvoeding en training. “Omdat het zo geleidelijk gegroeid is, kan de maatschappij moeilijk terug naar dieren in het wild, er is dus geen echt alternatief meer. Zo zou de huidige hond verdwijnen en zou de wolf die plaats weer innemen. Hier is nu ook een heel maatschappelijk debat over aan de gang, er zijn steeds lovers en haters.”

De ontwikkeling van de maatschappij heeft er dus voor gezorgd dat mensen wel verantwoordelijk moeten zijn voor andere levende wezens. Misbruik blijft dan ook schering en inslag.
“Het is belangrijk dat we kijken of er aan de noden van het dier tegemoet gekomen wordt”, stelt Paridaens. Via de wetenschap kan er een inschatting gemaakt worden van hun behoeftes en gevoelens. “Onderzoek naar hoe het gesteld is met het welzijn van een huisdier, gebeurt op basis van drie parameters: de medische kant, de basisnoden en de afwezigheid van negatieve gevoelens zoals stress. De gradaties in geluk zijn moeilijker te meten, de afwezigheid van stress wil bijvoorbeeld niet automatisch zeggen dat het dier ook gelukkig is. We moeten dus vertrekken vanuit het welzijn en kunnen dan naar andere parameters kijken die het geluk kunnen bevorderen, zoals spel en spontaneïteit of de controle die het dier zelf krijgt.” 

Onze huisdieren zien we uiteraard allemaal even graag, maar heb je er ooit al bij stilgestaan dat het leven dat wij ze geven misschien niet altijd een even grote vrijheid voor deze dieren betekent?

©Kato Doevenspeck

 Sezen (28): “Ik heb zelf een hond, maar worstel heel erg met het concept van een huisdier. Mijn hond komt van een erf in Portugal waar hij kon loslopen en veel contact had met andere mensen. Ik heb hem uit zijn habitat getrokken en hij heeft duidelijk een andere omgeving nodig. Daardoor voelt het momenteel egoïstisch om hem bij te houden. Liefde voor iemand is ook kunnen loslaten, daarom denk ik erover om hem naar een plaats te brengen waar hij die vrijheid wel heeft. Ik geloof wel dat mens en dier een goede relatie kunnen hebben. Uiteindelijk is het ook eigen aan bepaalde honden om affectie te willen en afhankelijk te zijn van mensen. In Turkije zijn er bijvoorbeeld veel straatkatten en -honden die worden gevoed door de bewoners, maar toch is die liefde en zorg niet hetzelfde.”  

©Kato Doevenspeck

Laura (21): “Wij hebben onze katten al van jongs af aan en houden hen binnen. Wij wonen in een drukke woonwijk dus als ze vrij zouden rondlopen, zouden ze het waarschijnlijk niet overleven. Ik zet ze soms wel in de tuin, maar ze zijn het zo gewoon om binnen te zijn dat ze al bang zijn van een vlieg. Mijn katten weten niet beter dus we ontnemen hen ook niets. Ik denk dat dat bij een straatkat wel anders is, want die neem je ook echt iets af. Ik denk wel dat het belangrijk is om mensen beter te screenen voor ze een dier in huis nemen. Wij zijn bij de adoptie van onze kittens ook streng geweest. Zo hebben we niet toegestaan dat een stewardess ze mee naar huis zou nemen omdat de kittens dan geen gezelschap zouden hebben.”  

Laurent (29): “Ik heb twee katten en een daarvan is best afstandelijk. Mijn vrienden vragen waarom ik die dan heb, maar dat dier is mij ook niets verschuldigd. Ik denk dat het gelijkaardig is met kinderen. Wanneer die een leeftijd bereiken waarop ze zelf kunnen beslissen om affectie te weigeren, kan je hen ook niet verplichten om te knuffelen. Ook al hou je wel van het gezelschap, ik denk dat je de relatie met je huisdier niet alleen aangaat voor jezelf. Je wil die beestjes in eerste plaats een beter leven geven dan in een asielcentrum.”  

©Kato Doevenspeck

Flore (20): “Wij hebben thuis heel veel huisdieren: twee katten, een hond, vissen en kippen. Bij gedomesticeerde dieren vind ik het goed dat die opgenomen worden in gezinnen. Maar kippen of honden worden soms speciaal gekweekt en dat vind ik echt een schande. Het blijft wel een worsteling dat wij over het leven van die dieren beslissen, bijvoorbeeld bij euthanasie. Langs de ene kant ben je verantwoordelijk voor de gezondheid van je huisdieren, dus mag je hen niet laten lijden. Langs de andere kant pak je dan wel een leven af. Zeker als je het vergelijkt met euthanasie bij mensen, wat een zeer lange procedure is.” 

Hjentse (22): “Wij hebben bewust geen huisdieren omdat we gewoonweg niet genoeg tijd kunnen vrijmaken om ervoor te zorgen. Een dier heeft veel aandacht nodig en verdient die ook. Met het houden van dieren is in principe niets verkeerds, maar exotische of wilde dieren horen niet thuis in een gezin. Je mag die dieren hun natuurlijke habitat niet ontnemen.”  

vorige volgende