• Elke dinsdag-, woensdag- en donderdagmiddag StampLab, waar je experimenteert met media

  • Boek een mediawijze workshop voor je klas of organisatie

Category Archives: De stem van jongeren

September staat in het teken van de start van het schooljaar. Reporter Yasin ging de straat op om enkele studenten vragen te stellen over de start van dit schooljaar.

Journalist: Yasin Selimoglu
Camera: Ahmad Hardan & John Amoh

Tijdens StampLab kan je op een speelse manier experimenteren met media zoals fotografie, video, podcasts, green screen, stop motion, …

Abubakar en John deden een interview met StampMedia-jeugdwerker Sid. Abubaker stelde de vragen en John stond achter de camera. Bekijk hieronder het resultaat:

StampLab is er voor jongeren die graag willen experimenteren met media en is er iedere woensdag van 13 uur tot 18 uur bij StampMedia. Wil je een keertje langskomen? Stuur jongerenbegeleider Sid een berichtje.

Tijdens StampLab kan je op een speelse manier experimenteren met media zoals fotografie, video, podcasts, green screen, stop motion, …

De broers Jacques en Vasco stelden elkaar enkele vragen en namen dit op om er een podcast van te maken. Vervolgens gingen ze aan de slag met Canva om de podcast visueel te animeren.
Bekijk hieronder het resultaat.

StampLab is er voor jongeren die graag willen experimenteren met media en is er iedere woensdag van 13 uur tot 18 uur bij StampMedia. Wil je een keertje langskomen? Stuur jongerenbegeleider Sid een berichtje.

Anas* is twintig en heeft gescheiden ouders. Vandaag heeft zijn moeder een nieuwe partner. “Mensen denken dat iemand automatisch ongelukkig is als er een stiefouder in het gezin komt. Dat hoeft helemaal niet zo te zijn.”

Omwille van privacyredenen is Anas een schuilnaam. Zijn echte naam is bekend bij de redactie.

“Ik was 18 jaar toen mijn ouders besloten uit elkaar te gaan. Toch kwam het nieuws niet helemaal onverwacht. Er waren al kleine signalen. Mijn ouders waren bijvoorbeeld minder affectief naar elkaar. Er waren geen grote ruzies, maar je voelde wel dat er iets veranderde.”

“Toen mijn moeder vertelde dat ze gingen scheiden, was ik eerst verdrietig. Ze waren al 24 jaar getrouwd. Dus in het begin was het even moeilijk. Toch kon ik het redelijk snel plaatsen. Ik voelde al langer dat het niet goed ging tussen mijn ouders.”

“Na de scheiding bleef ik bij mijn moeder wonen in het huis waar ik al woonde. Mijn vader verhuisde. Daardoor veranderde er in het dagelijkse leven niet extreem veel, maar het grootste verschil was natuurlijk dat mijn vader er niet meer was.”

“Ik zag mijn vader iedere dag en nu plots niet meer. Ik moest bewust moeite doen om hem te bellen of langs te gaan”

Anas (20)

“Sommige kleine dingen vielen plots op. Mijn vader kookte bijvoorbeeld altijd. Na de scheiding moest ik dat zelf vaker doen. Ook moest ik soms moeite doen om mijn vader te blijven zien, aangezien mijn ouders niet meer samenwoonden.”

“De relatie met mijn moeder bleef grotendeels hetzelfde, omdat ik haar elke dag zag. Met mijn vader was dat anders. Ik zag hem iedere dag en nu plots niet meer. Ik moest bewust moeite doen om mijn vader te bellen of langs te gaan. Gelukkig verbeterde die situatie na een tijdje.”

“Vooral mijn familie was belangrijk. Mama moedigde mij aan om contact te blijven houden met papa. Ook mijn broer en zus hielpen. We maakten allemaal hetzelfde mee. Daardoor konden we er samen over praten. Niet iedereen heeft broers of zussen. In dat geval kan het helpen om met vrienden, familie of iemand op school te praten. Het is vooral belangrijk om te onthouden dat je er niet alleen voor staat. Veel mensen maken dit mee. Dus je hoeft je er niet voor te schamen.”

“Hoe beter je iemand leert kennen, hoe meer vooroordelen verdwijnen. Vandaag heb ik een goede band met mijn stiefvader”

Anas (20)

“Na een tijd kreeg mijn moeder een nieuwe partner. In het begin vond ik dat moeilijk. Ik had mijn moeder altijd samen met mijn vader gekend. Dus het voelde vreemd. Eerst voelde ik weerstand, maar na verloop van tijd veranderde dat. Door mijn stiefvader beter te leren kennen, merkte ik dat veel van mijn ideeën over hem eigenlijk vooroordelen waren.”

“De boze stiefmoeder in sprookjes of de lastige stiefvader in films: in de populaire cultuur zijn stiefouders vaak slechte mensen. Daardoor had ik in het begin ook vooroordelen. Maar in het echte leven bleek mijn ervaring heel anders. Hoe beter je iemand leert kennen, hoe meer die vooroordelen verdwijnen. Vandaag heb ik een goede band met mijn stiefvader.”

“Niet iedereen ervaart een scheiding op dezelfde manier. Sommige jongeren hebben het er moeilijk mee, anderen passen zich sneller aan. Soms wordt er te snel geoordeeld over kinderen met gescheiden ouders. Mensen denken bijvoorbeeld dat iemand automatisch ongelukkig is als er een stiefouder in het gezin komt. Dat hoeft helemaal niet zo te zijn. Iedereen heeft een andere ervaring en elke situatie is anders.”

“Er is één gedachte die mij hielp om alles in perspectief te plaatsen: ‘La vie est faite de hauts et de bas. Les moments difficiles ne durent pas éternellement : ils laissent toujours place à des jours meilleurs.’”

“Het leven kent hoogtepunten en dieptepunten. Moeilijke momenten duren niet eeuwig. Uiteindelijk maken ze plaats voor betere tijden.”

Te Vlaams voor de Franstaligen, te Frans voor de Vlamingen net buiten de rand van Brussel. Dat is het gevoel waarmee Roxette* moest opgroeien als kind en tiener. “Ik begreep zo goed als alles in het Frans, maar ik was heel bang om het te spreken.”

Omwille van privacyredenen is Roxette een schuilnaam.

“Ik woon al mijn hele leven in Brussel. Ik ben er geboren en getogen. Mijn volledige familie is Vlaamstalig en de meerderheid is afkomstig uit Oost-Vlaanderen. Uiteraard ging ik ook naar het Nederlandstalig onderwijs, maar gek genoeg  was ik als Nederlandstalige altijd de minderheid in mijn klas. Ik was het enige Nederlandstalige meisje. Er was nog een Nederlandstalige jongen. De rest van mijn klas was Franstalig van thuis uit. In de lagere school was dit soms moeilijk. Ik voelde me vaak alleen en uitgesloten.”

“De Franstalige kinderen keken bijvoorbeeld allemaal naar andere tv-programma’s dan ik en spraken op de speelplaats Frans. Dat zorgde ervoor dat ik niet kon meepraten met hen en me niet in de groep begrepen voelde. Als ik mee wilde doen met hen en Frans wilde spreken, voelde ik me heel bekritiseerd. Bij het minste foutje werd ik uitgelachen en toch weer uitgesloten. Dit terwijl zij ook niet altijd perfect Nederlands spraken.”

“Op die leeftijd begreep ik al zo goed als alles in het Frans, maar ik was heel bang om het te spreken, bang om uitgelachen te worden en bang om fouten te maken. Tot vandaag durf ik geen Frans te spreken met die groep mensen. Het is een beetje een trauma.”

“Ik had wel altijd veel geluk met mijn juffen in de lagere school. Zij waren allemaal Nederlandstalig. Zij begrepen mij en zagen wat er gaande was. Ik kwam heel goed overeen met hen. Het was zelfs zo erg dat ik tijdens de les Frans niet meer durfde antwoorden omdat ik zo bang was. Ik had dat dan eens met mijn juf besproken en ze begreep het volledig. Ze hield er echt rekening mee en heeft me niet meer aangeduid in die specifieke lessen.”

“Het was altijd moeilijk om nieuwe vrienden te maken, omdat ik bang was om niet geaccepteerd te worden, simpelweg omdat ik Nederlands sprak”

Roxette (20)

“In de eerste jaren van de lagere school bleef het nog beperkt tot de speelplaats. Iedereen werd naar elkaars verjaardagsfeestje uitgenodigd. Maar hoe ouder we werden, hoe minder ik bij die groepjes hoorde. Ik ben ook gepest geweest in het lager. Uiteraard gebeurde dat altijd in het Frans.”

“Hetzelfde met hobby’s. Als Vlaamse Brusselaar waren al mijn hobby’s in Brussel voornamelijk in het Frans. Bijvoorbeeld: hockey, tennis, dans, alles was in het Frans te doen. Het was altijd moeilijk om nieuwe vrienden te maken, omdat ik bang was om niet geaccepteerd te worden, simpelweg omdat ik Nederlands sprak.”

“Zo kwam ik terecht bij een nieuwe hockeyclub waar ik echt mega graag wilde zitten. De eerste weken gingen supergoed. Ik had vrienden gemaakt en ik sprak feilloos Frans. Niemand merkte dat ik Nederlandstalig was, omdat ik doorheen de jaren een heel Frans accent had gekweekt.”

“Alles ging goed, tot iemand ontdekte dat ik op een Nederlandstalige school zat en Nederlandstalig was. Vanaf dat moment keerde alles. Opeens had ik geen vriendinnen meer, geen uitnodigingen meer, niks meer. Op dat moment voelde ik me zo alleen en verloren. Ik was boos. Ik was boos dat mijn ouders mij niet helemaal tweetalig hadden opgevoed. Ik was boos dat ik niet Franstalig was. Ik was boos.”

“Ook opvallend: je had een bepaalde kledingstijl nodig om bij de Franstaligen geaccepteerd te worden. Het was vooral merkkledij die je moest dragen. Denk aan Bellerose, Zadig & Voltaire, … Daar deed ik ook aan mee. Ik had het geluk dat mijn ouders me wilden helpen en dit voor me wilden doen. Dat zorgde al voor een beetje meer inclusie.”

“Ik ben dan naar een school gegaan net buiten Brussel. Daar werd ik dan plots weer gezien als de Franstalige Brusselaar. De omgekeerde wereld!”

Roxette (20)

“Het extra frappante ding was dan weer toen ik naar het middelbaar ging. Je moest de scholen opgeven waar je naartoe wilde en dan werd jou een school toegewezen op basis van loting. Normaal gezien hebben de kinderen waarvan beide ouders Nederlandstalig zijn voorrang op hun eerste keuze, maar dit bleek in de praktijk absoluut niet het geval. Ik had zes scholen opgegeven en toch kreeg ik geen school toegewezen.”

“Ik stond overal op de wachtlijst. Het rare was: al mijn Franstalige klasgenoten met Franstalige ouders hadden allemaal hun eerste keuze gekregen. Dat maakte mij en mijn ouders razend. Ik ben dan naar een school gegaan net buiten Brussel. Daar werd ik dan plots weer gezien als de Franstalige Brusselaar. De omgekeerde wereld!”

“Ik werd telkens aangeduid tijdens de Franse lessen om het antwoord te geven en mensen zagen mij niet als één van hen. Weer niet. Desalniettemin was deze school de beste keuze van mijn leven. Ik ben wel mijn Frans accent kwijt waardoor de problemen in Brussel er nu opnieuw zijn, maar ik er heb supergoede vriendinnen aan over gehouden en ik ben echt gelukkig nu.”

Yves groeide op in België, maar zijn moeder bracht hem ook in contact met Rwanda. “Heb je ouders uit verschillende landen? Dan ken je dit misschien: mensen verwachten dat je één identiteit kiest. Maar dat hoeft niet.”

“Als kind dacht ik minder na over mijn dubbele identiteit. Maar hoe ouder ik werd, hoe meer ik mijn Rwandese cultuur ontdekte. Ik ontmoette andere jongeren die ook een biculturele achtergrond hebben. Dat gaf me het gevoel erbij te horen.”

“Iedere cultuur heeft zijn mooie kant. Mijn kleine gewoontes zijn op en top Belgisch: zondagse gebakjes, vaste familieplaatsen in Brussel. Uit Rwanda neem ik iets heel anders mee: hechtheid. Iedereen kent elkaar. Er is altijd connectie.”

“De zorg voor ouderen raakt mij. Mijn moeders familie zorgt thuis voor mijn grootouders. Iemand die jouw hele leven voor jou zorgde, verdient ook jouw zorg.”

“Dankzij vrienden met verschillende achtergronden, kreeg ik een andere kijk op het leven“

Yves (20)

“Mensen denken vaak dat ik een andere achtergrond heb. Ze schatten dat ik Latijns-Amerikaans of Noord-Afrikaans ben. Dat ik Rwandees bloed heb, zien ze niet in mij. Rwandese cultuur lijkt minder bekend te zijn in België. Ik moet vaak uitleggen hoe het in elkaar zit.”

“Maar wanneer ik in Rwanda ben, krijg ik ook andere blikken. Door mijn lichtere huidskleur maken mensen zomaar veronderstellingen. In België voel ik dat een stuk minder.”

“Dankzij vrienden met verschillende achtergronden leerde ik nieuwe dingen, zoals gastvrijheid, respect voor ouderen. Ik kreeg een andere kijk op het leven. Daarbij is mijn dubbele achtergrond een groot voordeel. Het hielp me om makkelijker geaccepteerd te worden.”

“Ga er niet van uit dat iemand met twee achtergronden een voorkeur heeft of één cultuur meer waardeert. Ik ben dankbaar voor mijn beide culturen.”

Tijdens de zomer kan je met StampMedia content maken op verschillende festivals. Vandaag gingen Kato, Ahmad en Amke naar de eerste editie van Muziek aan ’t Water! Foto’s nemen, instagramvideo’s maken, artiesten interviewen, voxpoppen met het publiek of gewoon een lekker frietje eten en daarna je heupen losschudden aan het podium, met Stamp doe je het allemaal!


Bekijk: Onze reportages tijdens de festivalzomer van 2026.
Bekijk: Onze reportages tijdens de festivalzomer van 2025.
Bekijk: Onze reportages tijdens de festivalzomer van 2024.
Bekijk: Onze reportages tijdens de festivalzomer van 2023

Yagmur verhuisde op haar zestiende van Turkije naar België. Ze sprak geen Nederlands en moest hier een nieuw leven beginnen. Inmiddels studeert ze Communicatiewetenschappen aan de Vrije Universiteit Brussel, en jawel, in het Nederlands. Maar dat ging niet zonder moeilijkheden.

“Ik sprak Turks, Koerdisch en Engels, maar Nederlands kon ik helemaal niet. Toch moest ik het snel leren om naar school te gaan en mijn leven hier op te bouwen. In België begon ik in een onthaalklas OKAN. Dat is een klas voor jongeren die nog geen Nederlands spreken. Daarna ging ik verder naar het secundair onderwijs om mijn diploma te behalen. Studeren bleek hier wel anders dan in Turkije. Daar zijn examens vaak multiple choice. In België moet je veel zelf schrijven en uitleggen. Daar voelde ik me niet comfortabel bij.”

“Vooral schrijven en grammatica vond ik moeilijk. Ik heb vaak gedacht dat het nooit zou lukken om het Nederlands deftig onder de knie te krijgen. Ik dacht dat een paar jaar langer in België geen verschil zou maken. Maar je leert jezelf beter kennen en ontwikkelen. En je wordt een betere versie van jezelf.”

“In het Turks ben ik spontaner. Ik maak veel grapjes en gebruik veel inside jokes. Als ik Nederlands spreek, ben ik veel serieuzer en academischer. Het hangt dus af met wie ik ben. Dat voelt soms vreemd, maar het hoort er gewoon bij. Toch voelt België ondertussen steeds meer als een thuis voor mij. Ik heb in die jaren de motivatie gekregen om door te gaan. Veel mensen vragen hoe ik zo snel Nederlands heb geleerd. Mijn antwoord daarop is heel simpel: De motivatie is eigenlijk dat je moet. Als het van moeten is, ga je het ook doen.”

“In het Turks ben ik spontaner. Ik maak veel grapjes en gebruik veel inside jokes. Als ik Nederlands spreek, ben ik veel serieuzer en academischer”

Yagmur Aslan (21)

“Ik heb de taal dagelijks nodig. Als ik naar de dokter of het gemeentehuis ga, moet ik de taal kunnen spreken. Mijn studies zijn in het Nederlands. Zelfs thuis help ik mijn ouders met vertalen, aangezien zij geen Nederlands spreken. Ik krijg veel steun van mensen rondom mij. Vooral mijn kamergenoot in Brussel, waar ik woon, helpt mij regelmatig. Als ik een taak heb geschreven, vraag ik haar om te kijken of alles klopt. Ook al spreek ik nu Nederlands, toch maak ik nog steeds fouten.”

“Tijdens mijn studies kreeg ik ook momenten die mij een extra boost gaven. Zo had ik eens een gesprek met een docent over mijn examen. Ik vertelde dat ik nog maar vier jaar in België woonde. Zij was onder de indruk en zei dat ik de taal al goed spreek. Dat gaf mij meer zelfvertrouwen, en vooral de hoop om nooit op te geven.”

“Als ik nu terugkijk op mijn journey, is er één ding waar ik het meest trots op ben: ik heb nooit opgegeven. Altijd heb ik geprobeerd verder te gaan en een oplossing te vinden voor problemen. Voor mij bestaat het onmogelijke niet, zeker niet als je iets heel graag wil. Ik zal dus nooit ‘impossible’ als mindset hebben.”

“Je twijfelt soms, je maakt fouten en je voelt je niet altijd op je gemak. Maar ik heb geleerd dat fouten maken niet betekent dat je moet stoppen“

Yagmur Aslan (21)

“Als je een nieuwe taal leert, moet je accepteren dat je nooit native speaker zal zijn. Ik vergeleek mezelf vroeger constant met anderen. Dat maakte mij nog onzekerder, tot een goede vriendin van mij iets belangrijks zei. Ze vertelde mij dat de mensen die hier geboren worden nooit native Turks gaan zijn en ik nooit native Belg, ook al spreken we wel elkaars taal. Mijn manier van denken veranderde. Ik was eerst bezig met wat ik nog niet kon, terwijl ik eigenlijk al heel veel had geleerd. Sindsdien probeer ik gewoon mijn best te blijven doen.”

“Nederlands spreken, leverde ook grappige momenten op. Tijdens mijn eerste les hoorde ik een leerkracht zeggen: “Goeiemorgen allemaal!” Ik kende het woord ‘allemaal’ niet. Pas een paar dagen later vroeg ik aan een vriendin wat het betekende. Ook typische uitdrukkingen of reacties vond ik vreemd. Een voorbeeld is ‘foei foei foei’ . De eerste keer dat iemand dat zei, dacht ik dat die boos was. Nu gebruik ik die reactie zelf ook!”

“Verhuizen naar een nieuw land zonder de taal te spreken, is niet gemakkelijk. Je twijfelt soms, je maakt fouten en je voelt je niet altijd op je gemak. Maar ik heb geleerd dat fouten maken niet betekent dat je moet stoppen. Praat er altijd over met iemand die je vertrouwt en onthoud dat je er zal komen. Zolang je blijft proberen, kom je altijd vooruit.”

Clarysse studeerde drie jaar aan de universiteit: eerst rechten, dan handelsingenieur. Telkens voelde ze dat het niet klopte. Op 22-jarige leeftijd nam ze een beslissing die velen haar zouden afraden: ze stopte. Vandaag werkt ze als manager bij Ici Paris XL en kijkt ze zonder spijt terug. Dit is haar verhaal.

“Ik was twintig jaar oud toen ik voor het eerst dacht: ‘Dit klopt niet.’ Ik zat in een hoorcollege Rechten, omringd door mensen die leken te weten waarom ze daar waren. Ik eigenlijk niet. Maar ik bleef zitten. Want stoppen, dat deed je niet. Dat was falen.”

“Ik had Rechten gekozen omdat het op papier logisch klonk. Analytisch denken, redeneren, prestige. Twee jaar lang heb ik mezelf wijsgemaakt dat het gevoel zou verdwijnen: dat gevoel dat ik ergens naartoe bewoog zonder te weten waarheen. Na mijn tweede jaar besloot ik van richting te veranderen. Misschien was het de studie, dacht ik, niet de universiteit zelf. Dus waagde ik mijn kans bij Handelsingenieur.”

Onverwachte reacties

“Ook dat jaar heb ik vol doorgezet. En ook dat jaar voelde ik hetzelfde: ik deed het voor iets van buiten mezelf. Voor verwachtingen, voor het beeld dat ik van mezelf had opgebouwd. Een diploma, dat was het doel. Alles wat daarna zou komen, dat zag ik later wel. Maar in juni 2025, op mijn 22ste, nam ik een beslissing die me meer moeite kostte dan gelijk welk examen: ik stopte. Definitief. Geen herexamens, geen nieuwe richting, geen uitstellen. Ik schrijf me uit.”

“De reacties waren anders dan ik had verwacht. Mijn vrienden toonden meteen begrip: ze zagen al langer dat ik niet gelukkig was, en ze wisten dat werken de betere optie was. Ook mijn mama stond, na lange gesprekken te hebben, achter mijn beslissing, en dat betekende meer dan ik kan zeggen.”

“De stap naar de arbeidsmarkt was geen zet uit wanhoop, maar uit verantwoordelijkheidsgevoel”

Clarysse (23)

“Maar er waren ook praktische realiteiten. Zonder studentenstatus zou mijn mama geen kinderbijslag meer ontvangen, wat betekende dat ik voor mijn eigen appartement en kosten zou moeten zorgen. Dat was misschien wel de grootste drijfveer om écht de stap te zetten naar de arbeidsmarkt. Niet uit wanhoop, maar uit verantwoordelijkheidsgevoel.”

“Wat volgde, was een periode van zoeken. Niet dramatisch of verloren, gewoon eerlijk zoeken. Ik begon na te denken over wat mij écht boeit en waarmee ik me graag mee bezig hou. Ik dacht eigenlijk te veel na, want het antwoord lag veel dichter bij huis dan ik me kon voorstellen. Schoonheid, verzorging, mensen blij maken met iets tastbaars: dat had me al jaren geboeid, lang voor ik ook maar één wetboek had opengeslagen.”

Sterkste troef

“Zo kwam ik terecht bij Ici Paris XL. Eerst als medewerker, maar al snel bleek dat ik er helemaal in opging. Ik leerde iedere dag iets nieuws: over producten, over klanten, over hoe je een team aanstuurt. En die passie die ik jarenlang als ‘onbelangrijk’ had gelabeld, die bleek de sterkste troef die ik had. Vandaag ben ik manager, en ik ga iedere dag met het grootste plezier naar mijn werk. Dat klinkt als een cliché, maar voor iemand die jarenlang tegen zichzelf heeft gevochten om ergens te passen, is dat bijna een wonder.”

“Sommige collega’s waarschuwden me wel: ‘Pas op, als je eenmaal begint te werken, wil je misschien nooit meer studeren.’ Ik luisterde, maar ik sloot de deur niet. Avondlessen, een hogeschool, een universiteit: die opties liggen open. Wat ze zeggen, neem ik mee, maar ik ken mezelf: als ik in de toekomst wil studeren, weet ik dat ik het doorzettingsvermogen heb om er honderd procent voor te gaan, in welke vorm dat ook mag zijn. Maar voor nu is werken de juiste keuze.”

We are live! Al sinds april zit een groepje Stamp-jongeren ijverig achter de schermen te werken aan een vernieuwde Tiktokpagina. En nu is het zo ver: de lancering! Leer hier het Tiktokteam beter kennen.

Wie het Tiktokaccount van StampMedia al volgt, zag de voorbije dagen enkele nieuwe gezichten opduiken in de content, die ook in een nieuw jasje steekt. “StampMedia begeleidt jongeren die nieuws en media willen maken. De socials, waaronder onze Tiktok, deden de Stamp-medewerkers nog grotendeels zelf”, zegt hoofdredacteur Anouk Torbeyns. “Dat terwijl nieuws op socials en Tiktok zo belangrijk is geworden. Hoog tijd dus dat we ook daar jongeren zelf het heft in eigen handen laten nemen.”

Torbeyns: “Margot Vervloessem en Emily Walter van ‘team educatie’ brachten vier talentvolle Stamp-jongeren bij elkaar. Tijdens de zomer experimenteren ze volop met een nieuwe huisstijl, formats en nieuws op maat van Tiktok. So far so good, want wat we al te zien kregen als teaser, zag er beloftevol uit.”

“Met StampMedia moeten we meer inzetten op Tiktok en vertical content. En dat gaan we dus doen”

Voor de vier jongeren is het duidelijk: “Nieuws op Tiktok is veel behapbaarder. Met StampMedia moeten we dan ook meer inzetten op Tiktok en vertical content. En dat gaan we dus doen.” Maar wie zijn nu eigenlijk de jongeren achter de Tiktokpagina? Ontmoet ze hier!

Henry Afrane (20)

Henry zit vol energie. Hij deed begin 2026 stage bij StampMedia en maakte daar duidelijk indruk. Hij staat met veel plezier voor de camera en kijkt ernaar uit om het nieuws op jongerenmaat te brengen.

Volgens zijn vrienden is Henry een praatvogel en is hij heel energiek. Hij volgt het liefst showbizznieuws en heeft het minder voor breaking news. Geef hem maar achtergrondverhalen, liefst nog verhalen met een plottwist. Weetje: Henry is een echte nachtegaal die zingt in een gospelkoor. 

Amke Dockx (23)

Amke is een echte spring-in-’t-veld. Ze is één van de makers van de podcast (On)zichtbaar die wordt gemaakt bij StampMedia en al verschillende seizoenen loopt. In de podcast maakt Amke onderwerpen over mentaal welzijn bespreekbaar. Haar passie is dan ook content maken.

Amke is volgens vrienden goedlachs en enthousiast. Ze zegt dat ze vooral positief nieuws wil volgen. Ze heeft een voorkeur voor breaking news, want ze is graag als eerste op de hoogte. Fun fact: Amke is een grote fan van Pommelien Thijs.

Inaya Van Esbroeck (21)

Inaya is pas afgestudeerd als journalist, mede dankzij een sterke stage bij Stamp. Ze is vooral graag bezig met onderzoeksjournalistiek en human interest. 

‘Ambitieus’ en ‘chaotisch’ zijn twee woorden die oppoppen als haar vrienden aan Inaya denken. Als aspirant-onderzoeksjournalist heeft ze een voorliefde voor dat genre. Ook voor haar liever achtergrondverhalen, want “dan begrijp je echt met wat je bezig bent.” Daarnaast wordt ze gelukkig van tv-avondjes, Marokkaanse muntthee en goede (Vlaamse) memes.

Dries Basraoui (18)

Dries is de jongste van het nieuwe Tiktokteam. Zijn droom is om als buitenland- en oorlogsjournalist verslag uit te brengen vanuit conflictgebieden. Hij zette zijn eerste stappen in de journalistiek met DBNWS, een lokaal nieuwsplatform voor jongeren, en als jongerenreporter bij StampMedia. De volgende stap is de opleiding Journalistiek die hij vanaf september zal volgen in Brussel.

Zijn vrienden beschrijven hem als gepassioneerd en gedreven. Het liefst van al volgt hij buitenlandnieuws en heeft hij een voorkeur voor breaking news, maar wel altijd met de nodige duiding.

Volg Dries, Amke, Henry en Inaya op het Tiktokkanaal van StampMedia.