• Elke dinsdag-, woensdag- en donderdagmiddag StampLab, waar je experimenteert met media

  • Boek een mediawijze workshop voor je klas of organisatie

Category Archives: Ongecategoriseerd

De Britse groep FLO, die bestaat uit Stella Quaresma, Renée Downer en Jorja Douglas, gaf op 6 oktober een indrukwekkend debuutoptreden in De Roma in Antwerpen tijdens zijn AAA Tour. Met loepzuivere zang, sterke harmonie en veel energie wisten ze het publiek meteen te raken. De Britse artiest Sekou opende de avond met een krachtige, stijlvolle performance als voorprogramma waarin hij soul en pop combineert, geïnspireerd door Michael Jackson, Beyoncé, Whitney Houston en Frank Ocean. 

De jongeren van jongerenbib Kubus boksten alweer voor de vijfde keer een kunstexpositie in elkaar. De vernissage vond afgelopen zaterdag plaats in de jongerenbib zelf. Reporter Ahmad Hardan bracht een greep uit de kunstwerken in beeld.

“Mijn antwoord is altijd: meerstemmigheid.” Wanneer we Theaterfestival-directrice Nora Mahammed vragen wat toegankelijkheid voor haar betekent, is meerstemmigheid haar stokpaardje. En die zoekt ze overal: “We hebben nood aan oprechte nieuwsgierigheid, van programmatoren én het publiek.”

Kunst verandert voortdurend en brengt verandering teweeg. In de reeks ‘Kunst in transitie’ onderzoekt StampMedia hoe kunst meebeweegt met thema’s als gender, identiteit, cultuur en duurzaamheid. In woord, beeld en geluid zoeken reporters naar wat kunst vandaag betekent en waar ze naartoe evolueert.

Lees hier alle stukken in de reeks ‘Kunst in transitie’.

De kleurrijke selectie van de laatste editie van het Theaterfestival weerspiegelt de ambities van directrice Nora Mahammed om ruimte te maken voor verschillende stemmen, vormen en verhalen. Het programma van het Theaterfestival 2025 varieerde van jeugdtheater en circus tot een muzikale spoken word-performance als ‘De Herontdekking van de Hemel’, die zijn oorsprong eerder in de hiphopwereld dan in theaterzalen vindt. In de multisensoriële sci-fi-wereld ‘Flesh can’t can’t not’t ‘tis flesh h…’ onderzoekt Mario Barrantes Espinoza thema’s als queer identiteit en Noord-Zuidmigratie, ‘Have a Safe Travel’ toont een belichaming van systemisch racisme, en ‘Meeuw’ ontleedt meertaligheid in al haar rekbaarheid om een brug te slaan tussen horende en dovengemeenschappen.

Die veelzijdigheid kan nog verder reiken in het bredere theaterveld volgens Nora Mahammed. “Ik schreef mijn eindwerk over kunstparticipatie in Brussel en kwam tijdens dat proces onder meer in contact met een Venezolaans koppel dat heel actief deelnam aan de theatersector in Venezuela. In België gaven ze aan zich niet te herkennen in de  Latijns-Amerikaanse theatergezelschappen hier, die vaak vertrekken vanuit een westers perspectief.”

Volgens Mahammed worstelt de sector met een tekort aan nieuwsgierigheid voor niet-normatieve vormen van theater. “Er is een hele groep kunstenaars die compromissen moet sluiten om serieus genomen te worden in de sector. Denk bijvoorbeeld aan internationale studenten die eerst carrière maken door in het keurslijf van de dominante westerse moderne theaterstijl te stappen, om die afgebakende vormen pas op latere leeftijd weer te ontleren en hun eigen kunstenaarsschap te onderzoeken. Aan die normen gaat een hele verbeeldingswereld verloren.”

Radicale nieuwsgierigheid

Wat is er dan nodig om die verbeeldingswereld wél de nodige ruimte te geven? “Een radicale nieuwsgierigheid bij programmatoren én het publiek”, vindt Mahammed. Maar dan moet de werkdruk van programmatoren omlaag. “Aan programmatoren wordt vaak een bepaalde autoriteit toegeschreven. Ze horen te weten wat goed is, zonder dat hen de middelen wordt aangereikt om een houding te ontwikkelen die hen in staat stelt zich werkelijk nieuwsgierig en kwetsbaar op te stellen. Wanneer zij met onbekende vormen geconfronteerd worden die ze niet helemaal begrijpen, hebben ze tijd nodig om die te leren kennen en te verwerken. Het gaat dus niet alleen om durf, maar ook om de voorwaarden die een open ingesteldheid mogelijk maken. Je loopt als programmator heel wat mis als je daar de ruimte en het vertrouwen niet voor krijgt.”

“Huizen en festivals moeten het aandurven om die risico’s te nemen, ook als ze niet zeker weten of er publiek komt opdagen” – Nora Muhammad (directrice Theaterfestival)

Zelf begon Mahammed als publiekswerker bij Globe Aroma, een Brusselse kunstplek voor gevluchte kunstenaars. Daar zette ze een programmatiegroep op waarin artiesten – uit uiteenlopende contexten, continenten en relaties tot kunst, maar allemaal met een grote artistieke nieuwsgierigheid – in het Klein Kasteeltje volledige vrijheid kregen om culturele activiteiten te programmeren. Die openheid om te programmeren in het teken van meerstemmigheid mist ze vaak nog in het veld. “Pas op, er wordt ook verdomd goed werk gemaakt in België, en die makers moeten ook echt hun ruimte krijgen”, nuanceert ze. “Maar er moeten gewoon meer perspectieven ruimte krijgen. En dat kan bijvoorbeeld door op een radicalere manier met gastprogrammatorschap om te gaan, en mensen daar ruimte en budget voor te geven. Huizen en festivals moeten het aandurven om die risico’s te nemen, ook als ze niet zeker weten of er publiek komt opdagen.” 

Dat principe geeft het Theaterfestival vorm via de Wijkjury, een lokale jury met een tiental diverse stadsbewoners uit Brussel, Gent en Antwerpen die tijdens het theaterseizoen verschillende voorstellingen bezoeken, en daaruit hun favoriet selecteren. Dat leverde dit jaar pareltjes op als Bruxelles, I will make you mine, Fatilou M. en Zero Feet Away. Voor Erin, lid van de Wijkjury, was de stap naar theater aanvankelijk groot. “Als kind ging ik bijna nooit naar het theater, waardoor ik niet vertrouwd was met theaterhuizen en ze intimiderend aanvoelden. Toen ik lid werd van de jury, kreeg ik gratis tickets, kon ik achteraf deelnemen aan after talks, en kreeg ik aansluitend een maaltijd. Dat maakte de ervaring laagdrempeliger.”

Van de praktische barrières die Erin benoemt, is Mahammed zich bewust. “Tickets zijn duur”, erkent ze. Het festival probeerde de kostprijs dit jaar te drukken met korting voor jongeren en kunststudenten, een vijfbeurtenkaart en gratis tickets op aanvraag via e-mail. “Daar werd ook echt op ingegaan”, vertelt Mahammed ons. “Niet iedereen komt in aanmerking voor een Uitpas: je moet papieren hebben, en sommige mensen vallen net buiten de limieten. Via ons mailsysteem bereikten we ook die groep”, aldus Mahammed. “Maar de harde realiteit blijft: onze subsidies zijn beperkt, we zijn gigantisch onderbemand en we moeten met onze tickets het festival kunnen bekostigen.” 

Theater als collectieve ervaring

Uiteindelijk waren het niet zozeer de praktische voordelen, maar vooral het collectieve karakter van de Wijkjury dat Erin naar waarde schatte. “Door samen naar het theater te gaan, voel je je minder een vreemde eend in de bijt”, vertelt ze. “Voordat we naar het theater gingen, dronken we op café eerst iets met de groep en leerden we elkaar kennen. Die gedeelde ervaring doorbrak de intimiderende sfeer: in gezelschap voel je je veiliger als je niet weet wat je te wachten staat.” Sinds het project bezoekt ze regelmatig voorstellingen, en neemt ze af en toe vrienden mee. Wat de Wijkjury voor Erin betekende, geeft ze nu dus zelf door. Het is een kettingreactie op kleine schaal, die bijdraagt aan een toegankelijker festival.

“Theaterhuizen zijn vaak net mausolea, grote gebouwen zonder leven. Ik wil ze bezielen met energie, warmte en collectiviteit” – Mario Barrantes Espinoza (Theatermaker)

Ook theatermaker Mario Barrantes Espinoza benadrukt dat punt. Aan ‘Flesh can’t can’t not’t ‘tis flesh h…’ koppelde die een heuse ‘Culo Shaking Night’: een avond vol livemuziek, samosa’s en gezelligheid die het publiek al vóór de voorstelling opwarmde, en erna warm hield. “Ik beschouw mezelf als host van de avond als mensen onze voorstelling komen bekijken”, vertelt Espinoza ons. “Theaterhuizen zijn vaak net mausolea, grote gebouwen zonder leven. Ik wil ze bezielen met energie, warmte en collectiviteit.”

Het evenement vooraf is een manier om ook mensen te verwelkomen die niet zo bekend zijn met theatercodes. “Zo creëren we een soepelere ingang naar het programma. Ik geloof echt dat mensen door samen te komen en plezier te maken beter begrijpen waar het stuk over gaat dan bijvoorbeeld door een programmatoelichting te lezen. Er is een hele laag van affectief materiaal die gewoon moeilijk te beschrijven is, die geleefd moet worden.” 

Tegelijkertijd wil Espinoza hun publiek blijven uitdagen. “Ik denk dat we ons werk als kunstenaars moeten blijven doen zonder ons voortdurend af te vragen of het wel verteerbaar genoeg is. En dat geldt ook voor programmatoren: als je alleen maar programmeert volgens wat je denkt dat het publiek wil zien, beland je in een cirkel. Je creëert geen nieuw publiek, omdat je er ook niet aan werkt. Het publiek moet kunnen denken: ‘Wat is dit?’ Misschien houden ze er wel van.”

Onbekend blijkt inderdaad onbemind, merkt Mahammed. “In Vlaanderen wordt soms minder avontuurlijk gekeken dan in bijvoorbeeld Brussel”, zegt Mahammed. “Daar zit je dan ook met een specifieke context: Brussel is de tweede meest diverse stad ter wereld, met instituten als Moessem, Bozart en KunstenFestivalDesArt die het publiek misschien al meer gewend hebben gemaakt aan onbekende vormen.” 

Een zachte verschuiving

Zo vaak hebben we het over de mensen die niet naar het theater komen: we treffen regelingen om nieuwe mensen naar onze theaterzalen te lokken, we willen een gevarieerder publiek. En dat is nodig en nobel werk, maar waarom staan we zo weinig stil bij het publiek dat er wél al is? Want ook daar heerst een gebrek aan openheid en veelstemmigheid. 

Wat doet een theaterpubliek dat geconfronteerd wordt met codes, referenties en aanknopingspunten waar het minder mee vertrouwd is? Wat gebeurt er wanneer mensen, die (over)verzadigd zijn van een dominant westers perspectief, zich moeten verhouden tot andere vormen? Hoe gaan we om met makers die een vrijgeleide krijgen om zich niet tot het westerse ambacht of het klassieke Vlaamse kader te beperken? En waarom duiden we theater steevast in termen van complexiteit, gelaagdheid en interdisciplinariteit, maar lopen de gesprekken spaak als die referenties buiten onze repertoires vallen? 

Susan Sontag wees er in ‘Against Interpretation’ al op dat we kunst te vaak reduceren tot louter betekenis. In onze voortdurende hang naar interpretatie vernietigen we het kunstwerk: we stoppen het in een hokje, waardoor er geen ruimte meer is voor zintuiglijkheid. Terwijl net die zintuiglijkheid ons meesleept in wat er is, ons toelaat ons gevoel te laten spreken en écht alles te durven ervaren. 

Volgens Mahammed vraagt het om een zachte, geduldige verschuiving. De uitdaging ligt niet alleen in meer mensen de theaterzaal in krijgen, maar ook in het openen van de ervaring voor wie er al is. In het loslaten van de reflex om kunst meteen te interpreteren en in plaats daarvan ruimte te maken voor zintuiglijke, affectieve, viscerale, overrompelende, ontwrichtende theaterervaringen die niet altijd in woorden te vatten zijn. 

Met ‘Girls’ opent het Modemuseum (Momu) in Antwerpen een tentoonstelling die een eerbetoon brengt aan het ‘tussenin zijn’: die kwetsbare, maar krachtige fase tussen kindertijd en volwassenheid, waarin identiteit nog gevormd wordt. De expo verkent wat het betekent om meisje te zijn – vroeger en nu – op een poëtische, gelaagde en verrassend actuele manier.

Kunst verandert voortdurend en brengt verandering teweeg. In de reeks ‘Kunst in transitie’ onderzoekt StampMedia hoe kunst meebeweegt met thema’s als gender, identiteit, cultuur en duurzaamheid. In woord, beeld en geluid zoeken reporters naar wat kunst vandaag betekent en waar ze naartoe evolueert.

Lees hier alle stukken in de reeks ‘Kunst in transitie’.

Op 27 september opende de expo ‘Girls’ in het Modemuseum in Antwerpen, een tentoonstelling die je meeneemt doorheen de geschiedenis en evolutie van het meisje-zijn. Ik volgde een rondleiding met een gids, die ons aan het begin – letterlijk en figuurlijk – liet stilstaan bij een werk aan het einde van de expo: een boksbal waaraan een telefoon hangt die Tiktokfilmpjes afspeelt. Het is een simpel werk, maar het bracht mij wel aan het denken. Meestal associëren mensen een boksbal met een man of jongen omdat boksen in onze maatschappij als iets mannelijks word gezien. Maar bij het werk voelde ik voor het eerst het verzet van vrouwen in deze mannenwereld. Ik werd me bewust van de onderdrukking van de vrouw, die wij ergens toch een beetje verstoppen.

Tijdens de rondleiding ondekte ik hoe de rol en het beeld van meisjes doorheen de tijd veranderden, maar ook hoe bepaalde thema’s zoals onzekerheid, nieuwsgierigheid en rebellie universeel blijven en eigelijk niet veel te maken hebben met cultuur. Doordat elk kunstwerk een ander perspectief aanbood – soms intiem en kwetsbaar, soms uitdagend en confronterend – voelde ik bij elk werk meer en meer: herkenning, ontroering en ook een zekere verwondering over hoe subtiel en veelzijdig vrouwelijkheid kan worden verbeeld, en hoe bijzonder het is om vrouw te zijn.

Wat voor mij ‘Girls’ bijzonder maakt, is de multidisciplinaire aanpak. De tentoonstelling combineert fotografie, mode, schilderkunst, filmfragmenten en installaties om te tonen hoe jonge vrouwen hun identiteit vormgeven en zich verzetten tegen opgelegde verwachtingen. De expo brengt werk van zowel hedendaagse als historische kunstenaars samen zoals Rineke Dijkstra, Annie Kevans, Karen Knorr, maar ook modeontwerpers die grenzen van het beeld van het meisje verleggen. Het resultaat is een rijk en gelaagd geheel, waarin elk medium een andere nuance toevoegt aan het verhaal van opgroeien als meisje.

Pijnlijk eerlijk

Het stille verzet van meisjes die als een rode draad door de expo loopt viel erg op. Ik voelde het in de blik van een model dat niet glimlacht, in de scheuren van een oude jurk, of in een meisjeskamer die zowel veilig en beklemmend voelt. Die details vertellen meer dan woorden ooit kunnen: verhalen over dromen, verlangens en het subtiele gevecht om gehoord te worden. Sommige kleine ontdekkingen blijven bijzonder hangen, zoals een werk van een haarspeld dat ooit symbool stond voor volwassenheid en vrouwelijkheid, terwijl die vandaag een achteloos modeaccessoire lijkt. Of dat meisjes in vroegere eeuwen vaak geen echte kindertijd kenden: ze droegen al op jonge leeftijd strakke jurken en moesten voldoen aan sociale verwachtingen zonder dat er ruimte was om echt kind te zijn. Zulke inzichten maken de wandeling door de expo niet alleen esthetisch mooi, maar ook pijnlijk eerlijk.

Het meisje-zijn is geen afgesloten fase, maar een voortdurende zoektocht naar vrijheid, identiteit, en zelfexpressie

Het was confronterend om te beseffen hoe sterk onze samenleving nog altijd gericht is op mannelijke perspectieven, terwijl de vrouwelijke ervaring vaak wordt geminimaliseerd of overgeslagen in de geschiedenislessen die we krijgen. Deze tentoonstelling vult die leegte op een gevoelige en visuele manier: het geeft meisjes van toen en nu een stem, een gezicht en een plaats in het culturele geheugen. Het schrijft geschiedenis, en geeft dus hoop. Wat me het meest raakte, is dat het meisje-zijn nooit eenduidig is geweest. Het is geen afgesloten fase, maar een voortdurende zoektocht naar vrijheid, identiteit, en zelfexpressie. De expo toont dat elke vrouw – hoe oud ze later ook wordt – een stukje van dat zoekende, dromende meisje in zich meedraagt. Het is een spiegel die meisjes eraan herinnert hoe belangrijk het is om hun verhalen te blijven vertellen om zo geschiedenis te kunnen schrijven.

De expo ‘Girls’ in het Modemuseum in Antwerpen loopt nog tot 1 februari 2026. Info en tickets vind je hier.

In de negende aflevering van (On)zichtbaar bespreken Amke Dockx, Lara Vrancken en Noor Vanhove met elkaar hoe een onophoudelijke ADHD in hun leven heerst. Ze bespreken hoe dit intern conflict niet altijd zichtbaar gedrag vertoont en geregeld botst met facetten en systemen die voor iedereen vanzelfsprekend lijken. Luister en kijk naar de leden van (On)zichtbaar die met een hyperfocus hun ervaring met ADHD zichtbaar maken.

Amke Dockx, Lara Vrancken, Noor Vanhove, Merle Van den Heuvel, Lieze Steels – en met Lara Bosmans in hun hart – hebben samen één doel: zichtbaar maken wat nog onzichtbaar is. In hun podcast duiken ze in alles wat jongeren raakt – van mentale gezondheid en seksualiteit tot eenzaamheid en pesten. Geïnspireerd door hun eigen ervaringen, en met boeiende gasten, brengen ze onderwerpen die niet vaak genoeg besproken worden aan bod en doorbreken ze zo taboes.

Na zeven jaar keerde het jaarlijkse sportevenement van Sint-Ursula terug. In sportkledij van de school wandelden gisteren meer dan 1.700 leerlingen en 200 leerkrachten van Campus Sint-Ursula naar de atletiekpiste van AV Lyra-Lierse. “Het was een dag waar sporten met de hele school centraal stond.”

Voor de eerste keer in zeven jaar vond Sint-Ursula Loopt plaats in Lier op vrijdag 10 oktober. Het sportevenement werd georganiseerd door sportleerkrachten van het Sint-Ursula-Instituut en leerlingen van de richting Onthaal en Recreatie met steun van stad Lier, AC Lyra en het Vlaamse Kruis. Op de dag zelf stond plezier maken centraal: een dj-talent van de school draaide muziek, leerlingen moedigden elkaar aan en er waren tal van leuke activiteiten te doen – allemaal in het teken van sport en samenzijn.

Dat zorgde niet enkel voor een groot samenhorigheidsgevoel, maar ook voor een sterke zichtbaarheid voor de campus. Ook de leerlingen kijken positief terug op deze dag. “Ik vond het een heel leuke, sportieve dag. Het is fijn dat het met heel de school was en dat alle jaren deelnamen. Het was een dag waarop sport met de hele school centraal stond, een echt loopfestijn”, vertelt Noor Dubois, leerling 6de jaar Taal en Communicatie.

“Zeven jaar geleden was de laatste keer dat Sint-Ursula Loopt doorging. Ik vind het dan ook echt heel leuk dat ik dat in mijn laatste jaar nog heb mogen meemaken. Het was een sportieve namiddag met allerlei leuke activiteiten, en het is een mooie herinnering om mee te nemen”, zegt leerling Noor Dubois.

Dit artikel gratis overnemen op je website?

In de achtste aflevering van (On)zichtbaar spreken Amke Dockx en Lara Vrancken met Bo Baesen over haar leven met diabetes 1. In tegenstelling tot de meer bekende diabetes type 2 kan type 1 bij elke leeftijd voorkomen waardoor de impact op een leven meer kan wegen. Ze vertelt over haar verleden en familie waar diabetes al een tijd aanwezig is en ook de moeilijkheden die de aandoening met zich meebrengt zowel fysiek als mentaal met een fobie voor naalden. Luister en kijk naar iemand met een mooie en inspirerende kijk op een leven met een lichaam dat constant gereguleerd moet worden.

Amke Dockx, Lara Vrancken, Noor Vanhove, Merle Van den Heuvel, Lieze Steels – en met Lara Bosmans in hun hart – hebben samen één doel: zichtbaar maken wat nog onzichtbaar is. In hun podcast duiken ze in alles wat jongeren raakt – van mentale gezondheid en seksualiteit tot eenzaamheid en pesten. Geïnspireerd door hun eigen ervaringen, en met boeiende gasten, brengen ze onderwerpen die niet vaak genoeg besproken worden aan bod en doorbreken ze zo taboes.

De Aziatische gemeenschap vierde op 5 oktober in Antwerpen het Chinese Maanfeest. Het feest, ook bekend als het midherfstfestival, is een Oost-Aziatisch feest waar de oogst tijdens de herfstvolle maan wordt gevierd. Het maanfeest wordt al drieduizend jaar lang gevierd. Dit jaar stond de viering in Antwerpen ook in het teken van vernieuwing in de wijk, met onder meer de heraanleg van de Van Wesenbekestraat, nieuwe verlichting en de restauratie van de leeuwenbeelden aan het begin van de Aziatische straat. Reporters Fatima Noori en Ismail Ayubi brachten de festiviteiten in beeld.

Deze fotoreportage is het resultaat van een workshop van Gen-ZIE, het kunstproject voor jongeren van Fameus vzw. Jongeren volgen een fotografietraject met als hoogtepunt een expositie op het Gen-ZIE-festival dat op 16 november plaatsvindt in hetpaleis. Meer info vind je hier.

Op het jaarlijkse festival Studay, een initiatief van de ondersteuningsvereniging voor studenten STAN, werd donderdag de start van het academiejaar gevierd. Veel bezoekers trokken – net als op veel festivals – hun meest opvallende outfit aan: fur laarzen, een Telenetketting, een tweedehands bontjas of een oesjanka. Waar haalden ze hun inspiratie? Wat studeren ze? Wat vinden hun ouders van hun studiekeuze? En als ze hun jongere zelf advies konden geven, wat zouden ze zeggen?    

Niels

Niels stond donderdag op Studay aan het Telenetstandje, waar bezoekers een bril konden opzetten die hun zicht spiegelde. Met die bril konden ze QR-codes scannen die gekoppeld waren aan prijzen. Niels kreeg zijn outfit van Telenet, maar de opvallende ketting ontwierp hij zelf. Samen met een vriendin runt hij een eigen juwelenmerk. Niels studeerde Theater, terwijl zijn ouders in hun studietijd politieke- en sociale wetenschappen volgden. Zij merkten dat hij zich vroeger moeilijk konden vinden op school, dus stuurden ze hem naar de theaterschool. Zijn theaterachtergrond gebruikt hij nog steeds dagelijks.

Eren & Asena

Eren en Asena studeren Beeldende Kunsten aan Sint-Lucas Antwerpen. Eren hield zich eerst bezig met sculptuur en werkt nu rond sociaal-politieke thema’s zoals lgbtqia+. Asena studeerde eerst industrieel design, maar koos voor beeldende kunsten om kunst en design te combineren. Erens ouders werken in de zorg: een dokter en een verpleegster. Opmerkelijk genoeg wilden ze niet dat hun kinderen geneeskunde zouden studeren. Eren is heel tevreden met hun keuze, terwijl Asena de eerste in haar familie is die een master volgt. Eren zou zijn jongere zelf adviseren om gewoon zichzelf te zijn, en Asena zegt: “probeer alles!”

Alessia

Alessia werd geboren in Italië en groeide op in Spanje met haar Chinese familie. Later verhuisde ze naar België. Ze studeerde in het Verenigd Koninkrijk en is nu terug in België om neurowetenschappen te volgen. Haar fascinatie voor het brein – hoe we denken en waarom we zo verschillend zijn – bracht haar tot deze studie. Ze is de eerste in haar familie die studeert. Haar advies aan haar jongere zelf: “stap op mensen af, want nieuwe vrienden maken is ontzettend leuk.”

Mattis

Mattis studeert fotografie en is er helemaal door gefascineerd. Zijn moeder was altijd creatief en kunstgericht, dat inspireerde hem om voor deze richting te kiezen. Hij fotografeert het liefst mensen. Mattis is de eerste in zijn familie die studeert; zijn ouders konden dat financieel niet mogelijk maken. Dat maakt hem des te dankbaarder dat hij die kans wel krijgt. “Voor veel studenten is het eerste jaar een steile, stijgende leercurve. Ik zou het zelfs niet erg om dat over te doen, het levert extra ervaring op.” Zijn advies aan zijn jongere zelf: “Heb geen schrik, ga er gewoon voor.”

Loes

Loes studeerde mode in het middelbaar en was altijd bezig met kleding. Omdat werk vinden in de modewereld niet evident is, koos ze voor visual design in Gent. Ondertussen heeft ze haar eigen kledingmerk, Comrav, waarin ze elementen uit haar studie verwerkt. “Mijn broer studeert verpleegkunde, een totaal andere richting, maar mijn ouders accepteren me zoals ik ben.” Kunst en mode zitten al langer in de familie. Aan haar jongere zelf zegt ze: “niet te veel feesten. Af en toe een feestje kan, maar overdrijf niet.”

Julia

Julia zit in haar tweede jaar toegepaste taalkunde, en koos voor de talen Engels en Chinees. “Chinees is uitdagend en er valt veel te leren”, zegt ze. Oorspronkelijk wilde ze Koreaans studeren, die interesse werd aangewakkerd door K-pop. Maar dat bestaat in België niet in het hoger onderwijs, dus studeerde ze dat zelfstandig. Ze is de eerste in haar familie die studeert. “Het is spannend. Ik ben Roemeens, dus mijn ouders hebben hoge verwachtingen, maar ze steunen me altijd. Ik houd van hen.” Haar advies aan haar jongere zelf: “Zolang je je op je gemak voelt, maakt het niet uit wat je doet. Val niet voor groepsdruk en blijf jezelf.”

Younes

Younes studeert geschiedenis en is de eerste in zijn familie die studeert. Dat geeft hem een gevoel van trots. “Ik doe het niet alleen voor jezelf, ik doe het ook voor mijn familie. Het is misschien niet de hoofdreden, maar het speelt wel mee.” Hij vindt het belangrijk om te begrijpen hoe de wereld werkt: “Geschiedenis toont patronen in de samenleving en helpt je kritisch nadenken. Je vindt er veel antwoorden.” Zijn advies aan zijn jongere zelf: “Blijf weg uit Red & Blue!”

Met een goedgevulde opendeurdag trapten we op woensdag 24 september het nieuwe seizoen af. Jongeren, mediamakers en bezoekers ontdekten onze podcast op het plein, testten hun skills in het Stamp-spel en gaven zichzelf een Stamp-vibe met plaktattoos. Tijdens de jobbeurs maakten ze kennis met verschillende redacties en mediamakers, zoals  nws.nws.nws, De Morgen, De Standaard, Het Nieuwsblad en HLN. Ideaal voor wie droomt van een stage of een job in de journalistiek. Hoogtepunt van de dag was het gesprek met sportjournalist en presentator Aster Nzeyimana. Reporter Mauro Claessens legde de sfeer en de ontmoetingen vast.