© pixabay

De Buurderij is een online platform waar boeren en buren elkaar ontmoeten. Het platform wil korte ketens vleugels geven, om zo de rechtstreekse verkoop én een persoonlijke ontmoeting tussen producenten en consumenten te faciliteren.

De Buurderij in Westerlo biedt ongeveer 450 streekproducten aan, zoals vlees, groenten, melkproducten en streekbieren. Buren zijn consumenten die streekproducten kopen van lokale boeren. Landbouwers en ambachtelijke producenten bepalen zelf hun verkoopsprijzen, productiemethode en aanbod. Dit leidt tot een duurzame en eerlijke manier van produceren, verdelen en consumeren van voeding.

Respect voor mens en dier

Wekelijks komen er ongeveer 40 à 70 klanten naar de Buurderij in Westerlo. Lindsey Nys-Couwberghs is daar verantwoordelijk voor het project. “Zelf probeer ik zoveel mogelijk gezonde en verse voeding te kopen bij lokale boeren. Dat was voor mij de aanleiding om zelf een Buurderij te openen in Westerlo’, zegt Nys-Couwberghs.

“Mensen die naar ons toekomen, denken op een bewuste manier na over het voedsel op hun bord”, vertelt Kurt Sannen, bio-boer van natuurboerderij het Bolhuis. Sannen biedt biologisch gecertificeerd schapen- en koeienvlees aan op de Buurderij van Westerlo en Diest. ‘Als bio-boer schenk ik veel aandacht aan natuur, dierenwelzijn en het klimaat. Onze koeien en schapen verdienen conform de biowetgeving grote weides om te grazen. Ik verkoop geen vlees aan groothandelaars, omdat dit weinig opbrengt. Het voordeel van de korte keten is dat boeren hier meer aan verdienen. We kunnen onze producten rechtstreeks verkopen aan consumenten.’

Oorspronkelijk kwam dit vernieuwende initiatief uit Frankrijk. In juni 2015 openden de eerste Buurderijen in Mechelen en in Meise. “De Buurderij wil mensen motiveren om na te denken over het voedsel dat ze kopen en welke impact dit heeft op de samenleving. Het is belangrijk dat we op een bewuste manier leren omgaan met voeding”, aldus Hannes Van den Eeckhout, netwerkcoördinator van Buurderijen in België en Nederland.


Dit artikel werd gepubliceerd door Het Nieuwsblad - online op 24/03/2018

vorige volgende