Habib Koité enthousiast onthaald op Mano Mundo
Mano Mundo in Boom bij Antwerpen mocht op zondag 8 mei de Malinese zanger Habib Koité verwelkomen. Koité is al ruim twintig jaar bekend bij het Belgische publiek.
Door zijn gitaarkunsten werd Koité al meer dan eens vergeleken met Eric Clapton. Toch werd hij pas echt gelanceerd toen twee nummers van hem standaard werden opgenomen in de muziekmap van een besturingssysteem.
© 2011 – StampMedia – Farah Ahaddour en Ittai De Vree
Mano Mundo meer dan muziek
Het wereldfestival Mano Mundo bracht 6, 7 en 8 mei niet enkel muziek naar Boom, maar bood ook een groot aantal activiteiten aan. Kinderen, jongeren en volwassenen beleefden veel pret tijdens de workshops.
Van Indische en Afrikaanse muziek, dotpainting en breakdance tot stopmotion, arcadegames en Falun Dafa (een spirituele zelfdiscipline uit China): er was voor ieder wat wils.
© 2011 – StampMedia – Farah Ahaddour en Vincent Buyssens
Senegalese rappers moedigen jongeren aan om te stemmen
(MO*) Senegalese rappers proberen met de beweging Y’en a marre –‘Het is genoeg geweest’- de jongeren in hun land te overtuigen om te stemmen bij de presidentsverkiezingen in 2012. Y’en a marre is begonnen als protest tegen regelmatige stroomonderbrekingen in de buitenwijken van Dakar en richt zich nu tot bredere thema’s.
De Senegalese jongens Simon, Fou malade, B One X, Djily Bagdad van 5kiem Underground en Thiat en Kilifeu van Keur Gui zijn sinds januari verenigd in de beweging Y’en a marre. Hierin sporen ze Senegalese jongeren aan om hun toekomst in eigen handen te nemen. Ze focussen op problemen als de hoge werkloosheid, corruptie en de brutaliteit van de politie. Nu richten ze zich op de presidentsverkiezingen van volgende jaar. Met de slogan ‘mijn verkiezingskaart, mijn stem’ proberen de rappers hun generatiegenoten te overtuigen om zich te registreren als kiezer.
Op 15 april lanceerde de beweging de campagne Daas Fanaanal –‘jezelf beschermen’- met als boodschap dat het mogelijk is om een stem uit te brengen zonder trouw te moeten zweren aan een bepaalde partij. Veel jongeren uiten hun steun op de Facebookpagina van Y’en a marre, ‘het is genoeg geweest’ omdat de meerderheid van de 1,4 miljoen jongeren die het recht hebben om te stemmen, zich niet registreert voor de verkiezingen. Ze zijn er altijd vlug bij om te klagen, maar doen er nooit iets aan’, reageert Mamadou Dieye.
Abdoulaye Wade
Y’en a marre is één van de initiatieven in Senegal die op het internet opdoken, geïnspireerd door de opstanden in de Arabische wereld. Op 19 maart van dit jaar organiseerde Y’en a marre een manifestatie in Rufisque, dichtbij Dakar. Daarbij uitten ze hun woede om de uitgebleven beloftes die in 2000 werden gedaan door de huidige president Abdoulaye Wade. De politie kwam tussen en nam enkele luidsprekers af, ondanks het feit dat er toestemming werd verleend voor de manifestatie. De rappers kozen die dag uit omdat toen, zoals elk jaar, de overwinning van Wade werd herdacht.
In een interview met Dakaarpress zeggen de rappers dat ze niet streven naar een omverwerping van het regime. Y’en a marre is voor hen louter een burgerbeweging. ‘Wij staan niet aan de kant van de president, noch aan die van de oppositie, maar aan die van het volk. Als we vandaag dichter bij de oppositie staan, dan is dat omdat we de zorgen van de burgers behandelen’, zegt Thiat, van de hiphop groep Keur Gui.
Imams
Y’en a marre ontstond in januari uit frustratie om de regelmatige stroomonderbrekingen in de buitenwijken van Dakar. Een paar imams protesteerden al in september door op te roepen tot een boycot van firma Sénélec, door de electriciteitsfactuur niet te betalen.
De Senegalese rappers vonden dat behalve de imams, ook andere leden van de samenleving iets moesten ondernemen tegen de stroomonderbrekingen. Op hun Facebookpagina omschrijven de rappers hun motivatie als volgt: ‘De tijd waarin we in onze woonkamers treuren of fatalistisch klagen over de stroomonderbrekingen is voorbij. Wij weigeren om de systematische inperking te aanvaarden die ons wordt opgelegd in de elektriciteitsvoorziening van onze huizen. Wij zijn het beu. We hebben er genoeg van.’
© 2011 – MO* – Hasna Ankal
Dit artikel verscheen eerder op MO.be en kadert in een samenwerking tussen StampMedia en een aantal onafhankelijke nieuwsmedia waaronder MO*.
Dirk Bracke stelt nieuwste boek voor
Jeugdauteur Dirk Bracke stelde 13 april zijn nieuwe boek Catwalk voor in de bibliotheek van Genk. In deze roman wordt hoofdpersonage Polly meegesleurd in de glamoureuze wereld van modellen en fotografen. Hoe zij en haar familie met deze nieuwe situatie omgaan, lees je in het boek.
Naast informatie over het boek zelf, vertelde Bracke ook over de voorbereiding van het boek en zijn schrijfstijl. Zo schrijft hij nog steeds met pen en papier en houdt hij zich strikt aan zijn routine van zes maanden schrijven en zes maanden lezingen geven.
Catwalk verschijnt bij Schuyt & Co.
© 2011 StampMedia – Tekst: Elisabeth Vroonen, Video: Michaël Vanderheyden, Amal Maataoui
Stripgeschiedenis van een rosse schone
Het Belgisch Stripcentrum in Brussel opende woensdagavond 3 mei de tentoonstelling rond 10 jaar Esther Verkest. Kim Duchateau lanceerde er tegelijk het nieuwe stripalbum Roodheidswaanzin, een compilatie-album van acht strips. Renske de Greef bracht een eerbetoon aan de ‘rosse schone’.
Vrienden en collega’s kwamen Kim Duchateau eren voor 10 jaar Esther Verkest. In 2007 ontving Duchateau op het Stripfestival Turnhout de Bronzen Adhemar, een prestigieuze bekroning. Aan deze prijs was een tentoonstelling rond zijn werk verbonden. Enkel een overzichtsexpo ontbrak nog op zijn lijstje. Het is een bescheiden tentoonstelling geworden in Gallery, de rechtervleugel van het stripcentrum. Wat deze expositie zo speciaal maakt zijn de ongepolijste werktekeningen in zwart-wit die aan de muren hangen. Zo kunnen bezoekers het ontstaansproces van een pagina bekijken met potloodlijnen en Tippex.
Moeilijk imago
Ter ere van deze gelegenheid stelde Uitgeverij Oogachtend ook zijn nieuwe Esther Verkest-compilatiestrip Roodheidswaanzin voor. Een klepper van 128 pagina’s met grappen uit de 8 albums. Er zijn ook enkele nieuwe pagina’s bijgesloten. Echte fans kunnen een luxe-editie bestellen, met harde kaft en exclusieve litho. Esther Verkest is volgens haar bedenker in al die jaren niet veranderd. Zo bleef haar karakter ongetemperd. Enkel de tekenstijl vertoont wijzigingen. “Als je elke week aan een personage tekent, dan zit daar een natuurlijke evolutie in”, aldus Duchateau.
Haar sexy verschijning valt vooral in de smaak bij mannelijke lezers en de covers laten een typische mannenstrip vermoeden. Het was pas na enkele jaren dat een vrouwelijke publiek haar ontdekte en zo doorsijpelde dat het eigenlijk een heel manonvriendelijke strip betrof. Esther Verkest worstelde volgens de stripauteur ook altijd met een moeilijk imago. “Ze was te underground voor de populaire mainstream en te mainstream voor de artistieke underground.”
Absurde dromen
Voorlopig zijn dromen de wereld nog niet uit. Duchateau is alvast gewonnen voor een animatiereeks. “Dat is wel gortig veel werk, want ik heb zelf animatiefilm aan Sint Lukas gestudeerd. Zelf begin ik er niet aan, want ik heb de tijd niet. Daarom zouden we al veel animators moeten rekruteren.” Misschien kan hij zijn inspiratie beter spenderen aan een langlopend verhaal zoals hij zich vroeger in persgesprekken liet ontvallen. Dat blijkt voorlopig toch niet aan de orde. “Dan moet je een heel scenario uitschrijven”, zegt de tekenaar afwachtend. “Momenteel ben ik wel bezig aan zo’n project samen met Hanco Kolk, maar dan rond een ander figuurtje. Misschien dat er iets uit deze ervaring voortkomt.”
Naakte waarheid
Deze vernissage sloot de activiteiten rond 10 jaar Esther Verkest af. Zo waren er reeds verschillende bijlages in kranten en tijdschriften en bracht P-magazine een speciale covereditie in december 2010. Beeldkwartier verzamelde tientallen cartoons van collega-stripauteurs met een eigen invulling van het Esther-personage. Na al die jaren rijst wel de vraag rond haar houdbaarheidsdatum. “Grappen verzinnen voor Esther is op zich niet moeilijk, want er zijn veel nevenpersonages om op terug te vallen. Ik denk niet dat ik snel droog zal staan”, claimt Duchateau als zelfverzekerde humorist. “Ik wens haar nog vele jaren, want ze wordt toch niet ouder en zal er altijd goed blijven uitzien. Met kleren aan of zonder!”
Meer info op www.stripmuseum.be en www.oogachtend.be
© 2011 – StampMedia – Yves Torbeyns en Hoi-Fung Ng, foto: Yves Torbeyns
Jeugdbeleid Leopoldsburg onder vuur
De slogan van Leopoldsburg luidt: ‘Ontwapenend gastvrij’. Is dat ook zo voor de jeugd? Het Leopoldsburgse jeugdbeleid krijgt veel kritiek te verduren. De grootste bron van misnoegen blijft het ontbreken van een jeugdcentrum.
Achttien jaar geleden moest Leopoldsburg op zoek naar een andere locatie voor een jeugdcentrum. De plaatselijke jeugd heeft na al die jaren nog steeds geen idee wanneer en of er een eigen stek komt. De jeugdraad van Leopoldsburg is het wachten beu. Ze verwijten de stad niet alleen de aanslepende odyssee voor een nieuw jeugdcentrum, maar hekelen het volledige jeugdbeleid.
“Er is in jaren niets veranderd”, stelt ex-jeugdraadvoorzitter Dirk Moris. Ook zijn opvolger Wout Reynaert neemt geen blad voor de mond. “Ik ben tien jaar actief in deze sector, maar het jeugdbeleid van Leopoldsburg ging er enkel op achteruit.”
Onterechte kritiek
Burgemeester Erwin Van Pée begrijpt de frustraties rond het jeugdcentrum. “Er zijn in het verleden verkeerde beslissingen genomen in verband met locaties.” Maar de kritiek op het hele jeugdbeleid vindt Van Pée onterecht. “Wij staan de jeugd zoveel mogelijk bij. Ik ben zeer tevreden over onze speelpleinwerking en de samenwerking met de jeugdverenigingen. Het jeugdbeleid ligt niet stil.”
Geen groei
Toch trekt de jeugd zelf stilaan weg uit Leopoldsburg. Waar er vroeger tien tot vijftien jeugdcafés waren, blijft er nu enkel The Jam over. De jongeren zitten in cafés en jeugdhuizen van naburige plaatsen als Beringen, Beverlo en Ham.
“Jongeren hebben vrijheid nodig en een plaats waar ze naartoe kunnen, zoals een jeugdcentrum. Pas dan zal er ook een echte jeugdwerking komen met nieuwe leden”, zucht ex-jeugdraadvoorzitter Moris.
Dure fuiven
Alleen in het buurthuis van deelgemeente Heppen kunnen fuiven van jeugdverenigingen plaatsvinden. Wout Reynaert vindt dat onvoldoende. Bovendien is het te duur. “De prijs valt nog mee maar de drank is erg prijzig.” Annelies Op ’t eynde, sinds 2009 schepen van Jeugd in Leopoldsburg, ontkent het probleem. “De drankentoeslag staat in het reglement van het buurthuis en bestaat al járen.”
Momenteel is de gemeente bezig aan een verbouwing van het buurthuis. Een bergruimte en een nieuw podium moeten de fuifzaal groter maken. “Zo komen we tegemoet aan de vraag naar meer capaciteit. Vorig jaar waren er ongeveer twaalf fuiven geboekt, dit jaar hadden we er negen. Daarvoor is het buurthuis wel geschikt. Elke vereniging heeft natuurlijk zijn specifieke vragen en noden. We proberen daaraan te voldoen.”
Videoreportage gemaakt door de Kerngroep Leopoldsburg en Joris Bocken.
Doodsteek
Het dossier van het jeugdcentrum sleept al bijna twintig jaar aan, al weet intussen bijna niemand meer hoe het allemaal begon. “We hadden een goed draaiend jeugdcentrum, De Woeling,” vertelt Wout Reynaert, “tot het schepencollege besliste de migranten- en wijkwerking naar De Woeling te verhuizen.”
“Het gebouw bood te weinig ruimte voor al die diensten”, valt Dirk Moris hem bij. “Dat was de doodsteek. Bovendien klikte het onderling niet tussen de jongeren, wat tot ruzies en zelfs vechtpartijen leidde.”
“We wilden zowel migranten als maatschappelijk kwetsbare jongeren integreren in het jeugdcentrum. Dat is een groeiproces, maar ik vind een smeltkroes juist positief”, aldus burgemeester Van Pée.
Wachten op Godot
Intussen loopt er al achttien jaar een helse zoektocht naar een locatie voor een nieuw jeugdcentrum. Plannen werden gemaakt en weer afgewezen. Aanvankelijk reageerde de jeugdraad telkens hoopvol, nu is daar geen sprake meer van. Hoe vergevorderd de plannen soms ook waren, het liep telkens mis.
In 2002 was er een verhuizing gepland naar een leegstaand gebouw van het Rode Kruis in Leopoldsburg. Alleen een concrete datum stond niet in de planning. Een jaar later bleek het gebouw plots te duur, werden er minder lokalen toegewezen en was de buurt niet opgetogen met de komst van een jeugdcentrum. De zoektocht naar geschikte grond begon opnieuw.
In 2004 voerde de gemeente onderhandelingen over een locatie achter het gemeentehuis. Ook hier botste ze op tegenstand van buurtbewoners. Alweer een jaar later besliste het schepencollege een nieuw jeugdcentrum te bouwen aan het buurthuis in Heppen. Ditmaal protesteerden de jongeren zelf. Ze wilden in het centrum van Leopoldsburg blijven.
Van het kastje naar de muur
Twee maanden later lagen de kaarten alweer anders. Nu was de hoop gevestigd op een vleugel van het cultuurcentrum. De plannen werden goedgekeurd en toenmalig schepen van Jeugd Herman Swerts moedigde de jeugdraad zelfs aan na te denken over een naam voor het nieuwe centrum. Alleen de termijnplanning ontbrak.
Begin 2008 zou het jeugdcentrum een vleugel krijgen van complex Prins Filip. De gemeente onderhandelde over de aankoop, maar er bleken te veel verborgen gebreken aan het gebouw, waardoor de kosten te hoog opliepen. Alweer een klap voor de jeugdraad.
Aan het einde van dat jaar borg de gemeente alle plannen op voor aankoop van nieuwe grond. Een ander idee diende zich aan: een nieuw gebouw op het terrein van De Woeling. Ook daar kwam uiteindelijk niets van in huis.
Noodkreet
In 2010 overhandigde de jeugdraad burgemeester Van Pée een petitie met maar liefst achthonderd handtekeningen. Een noodkreet in de hoop het dossier te versnellen. “Het hielp niet”, zucht Reynaert. “Volgens mij ligt de petitie in de onderste la. Na al die jaren horen we nog steeds maar één ding: ‘we zijn er mee bezig’. Ik denk niet dat er ooit nog iets van komt.”
“We namen de petitie in ontvangst, maar wat kunnen we er verder mee doen? We kunnen niet elke petitie ophangen en inkaderen. Maar de petitie toont aan dat de jongeren nog steeds voor een jeugdcentrum ijveren. Dat vind ik positief”, zegt schepen Op ’t eynde. Zij stipt de realisatie van het centrum aan als belangrijk punt voor het jeugdbeleid van Leopoldsburg.
Voor Dirk Moris is haar reactie erg herkenbaar. “We hebben al zoveel schepenen gehad. Op de verkiezingspropaganda paradeerde elke schepen op een locatie met de boodschap ‘hier komt het jeugdhuis’. Ik ben benieuwd waar schepen Op ’t eynde bij de volgende verkiezingen zal staan.”
In de ijskast?
Waarschijnlijk wordt kwartier Moorslede de nieuwe locatie, een militair domein aan de rand van het centrum van Leopoldsburg. “Op dit moment onderhandelen we met de militaire overheid over de aankoop van het gebouw. Dat kan nog wel even duren. Binnenkort kunnen we via een concessieovereenkomst de grond en gebouwen al gebruiken in afwachting van uiteindelijke aankoop. Wanneer het volledig leeg is, worden we verwittigd en dan kunnen we verhuizen”, vertelt Op ’t eynde.
De jeugdraad vraagt zich af of ze wel op de hoogte blijft. “Ik hoorde dat het gebouw al een maand leeg staat. Maar we krijgen geen informatie van de schepen. Ik verwacht niet dat we snel verhuizen”, aldus Reynaert.
Schepen Op ’t eynde snapt die kritiek niet. “De verhuis komt elke maand ter sprake op de vergadering van de jeugdraad. Er zijn niet altijd vorderingen, maar het dossier ligt niet in de ijskast.”
Gebrek aan aandacht?
Dirk Moris vraagt zich af of terrein Moorslede de beste oplossing is. “Het hangt ervan af welke ruimte ze zullen gebruiken. Ze willen de brandweer daar ook vestigen. Ik ben bang voor een herhaling van het verleden. Straks zitten er weer te veel diensten. Ik vrees dat de gemeente de jeugd een kant-en-klaar gebouw wil geven. Dan krijgen ze weer geen beslissingsrecht. Daar zit de fout in het gemeentebeleid: er is een gebrek aan aandacht voor de jongeren.”
Geen plan B
Wat als de onderhandelingen mislukken en de verkoop van Moorslede niet doorgaat? “Daar wil ik niet aan denken”, zegt Op ’t eynde. Zelfs niet met alle voorgaande problemen in het dossier? “Ik zou niet weten waarom het nu zou mislukken. We moeten wel geduld hebben. Ik ga er geen termijn opplakken, ik ben daar erg voorzichtig in. We zien wel als het zover is. We kunnen de situatie enkel zoveel mogelijk aankaarten en de druk opvoeren.”
Ook burgemeester Van Pée blijft voorzichtig. “Ik hoop voor eind dit jaar op een oplossing. Maar alles hangt af van de militaire overheid. Defensie is op de hoogte van onze aankoopplannen. We hebben een veel geld opzijgezet voor de aankoop: 1.250.000 euro. Dat is niet niets. Een plan B? Dat hebben we niet. Plan Moorslede is het enige waar we nu voor gaan.”
© 2011 – StampMedia – Liesbeth Merckx, video: Joris Bocken en de Kerngroep Leopoldsburg
Sarah Ferri betovert op Mano Mundo
Zaterdag 7 mei was het op Mano Mundo in de vooravond de beurt aan singer/songwriter Sarah Ferri om het publiek te vervoeren. Met haar jazzy swing/bossa novamuziek geïnspireerd op de jaren zeventig gaf ze een gevarieerde, opzwepende show. Soms melancholisch, dan weer een tikkeltje country. Deze dame heeft nog veel in haar mars!
© 2011 – StampMedia – Erica Michiels en Vincent Buyssens
Klimaat belangrijk op Mano Mundo
Wereldmuziekfestival Mano Mundo opende vrijdag 6 mei met een brede waaier aan culturen. Naast artiesten uit alle windstreken kunnen bezoekers op 6, 7 en 8 mei ook hun bijdrage leveren aan een goed doel. De hulporganisatie 11.11.11. pleit bijvoorbeeld voor een duidelijk klimaatbeleid.
© 2011 – StampMedia – Lisa Akinyi May en Vincent Buyssens
Finalisten Troef! bekend
Troef! is een initiatief van de stad Antwerpen om talentvolle jongeren de kans te geven om hun droom waar te maken. Voor deze tweede editie konden jongeren tussen 16 en 26 jaar tot 1 april 2011 hun troef indienen.
Een professionele jury van jongeren en jeugdwerkers koos daaruit negen finalisten. Op 18 mei is er de grote Troef!-finale in Park Spoor Noord. Dan weten we wie de opvolger wordt van onder andere Sharon Slegers, die vorig jaar won met Stereo 03, de studentenradio van Antwerpen.
© 2011 – StampMedia – Joris Luyckx en Ruby van der Kooij
Graffiti, kunst of plaag?
Voor veel mensen is graffiti nog steeds synoniem aan vandalisme. Vaak zijn treinen of andere openbare ruimten het doelwit van de illegale graffers. Tot grote ergernis van de eigenaars, die veel geld moeten ophoesten om de graffiti te laten verwijderen
Toch wordt de laatste jaren graffiti meer en meer gerespecteerd als kunstvorm en zijn er steeds meer legale muren waar jongeren naar hartenlust hun ding kunnen doen. Al gaat het bij de illegale graffitispuiter meer om een gevoel van trots wanneer hij een trein voorbij ziet rijden met zijn kunst erop.
© 2011 – StampMedia – Ruby van der Kooij en Joris Luyckx
Deze reportage werd gepubliceerd door Noordlink op 04/05/2011