• Elke dinsdag-, woensdag- en donderdagmiddag StampLab, waar je experimenteert met media

  • Boek een mediawijze workshop voor je klas of organisatie

Category Archives: Ongecategoriseerd

Body positivity is een vlag die meerdere ladingen dekt. Voor sommigen betekent het dat je positief bent over je eigen lichaam, voor anderen eerder dat je respect hebt voor alle lichamen en voor nog anderen is het vooral een synoniem voor zelfliefde. Maar wat als body positivity-activisten van het eerste uur zélf beslissen dat ze willen afvallen. Ben je dan nog geloofwaardig als activist? Ik vind van wel.

Body positivity vindt zijn wortels in de fat positive beweging uit de jaren ’60, waar zwarte, dikke vrouwen op de barricades stonden voor meer gelijkheid. Ze waren het beu om anders behandeld te worden omwille van hun huidskleur en hun lichaamsvormen.

Doorheen de jaren is de body positive beweging verder gegroeid en kent ze wereldwijd honderdduizenden aanhangers. Sinds 2017 is het ook een ‘hippe’ term geworden, die vooral op sociale media (lees: Instagram) erg populair werd.

En body positivity gaat ook om zelfacceptatie, begrijp me niet verkeerd. Maar het gaat in de eerste plaats en vooral om ruimte maken voor mensen die onderdrukt worden in onze samenleving.

Dikke middelvinger

En dat gaat verder dan het onderdrukken van louter dikke mensen. Ook mensen van kleur, leden van de lgbtqia+-gemeenschap en personen met een beperking vallen daaronder. En hoewel ze vaak vergeten worden, tellen ook oudere mensen mee. De body positivity mindset is eigenlijk een dikke middelvinger naar de conventionele standaard die dominant is in onze maatschappij.

Maar. Ondanks alle inspanningen van de afgelopen jaren, is de dieetcultuur nog steeds aanwezig. Ga de deur maar eens uit en je ziet ze meteen: de reclameborden aan met slanke modellen. Ook wanneer je languit in de zetel zit, ontsnap je er niet aan: slanke, witte mensen tijdens de televisiereclames. Wie zijn die mensen? Wie moeten zij representeren?

Practice what you preach?

De druk van het slanke, witte schoonheidsideaal is groter dan we denken. Veel mensen die body positivity preken slaan uiteindelijk toch aan het diëten. Spreekt dat elkaar niet een beetje tegen? Er zijn tal van influencers die de boodschap van zelfliefde verkondigen, en alsnog afslankingstheetjes en dieetpilletjes aanprijzen. Helaas zijn er ook veel jonge meisjes die daar intrappen. Want body positivity is goed, zolang je maar binnen de standaard valt, toch?

Die verdomde standaard. Die is tegenwoordig niet meer Kate Moss en Tyra Banks, maar Kim Kardashian en Kylie Jenner: zandloperfiguur, liefst met brede heupen en grote borsten. Een buikje mag nog net, maar té dik hoeft nu ook weer niet. Want een buikje is toch niet meer gezond?

Gezondheidsdebat

En dat is waar het grote debat ontstaat: het lijkt alsof je body positivity alleen nog mag verkondingen als je gezond bent. Maar wat met iemand die body positivity preekt en alsnog wil afvallen? Heb je respect voor je eigen lichaam wanneer je wilt afvallen of werk je je lichaam dan kapot om toch in die standaard te passen?

Daarom zeg ik: laten we afstappen van het idee van ‘afvallen’. Jouw lichaam is een goed lichaam, ongeacht of je een maatje XXS, XXL of alles daarbinnen en daarbuiten hebt. Sommige mensen zitten niet goed in hun vel omdat ze bijvoorbeeld lichamelijke klachten ondervinden. Mag je hen zeggen: “Jij mag geen gewicht verliezen, want dan ben je niet meer authentiek”? Dat vind ik niet.

Vicieuze cirkel

Wat wel belangrijk is, is hoe we naar gewichtsverlies kijken. Niet met behulp van shakes, pilletjes of weer één of andere crashdieet vermomd als wondermiddel. Wél door te shaken op je favoriete nummers, een nieuwe sportieve hobby op te pikken of een sport uit je jeugd op te rakelen. Wél door te genieten van lekkere gezonde gerechten, maar ook van een chocoladereep – zonder schuldgevoel.

Body positivity kan niet samenvallen met de dieetcultuur, aangezien die erop gebrand is om je een slecht gevoel te geven over jezelf. En wanneer je na twee maanden opnieuw bent aangekomen, voel je je gefaald. Zo begint de cirkel opnieuw. Hoe je die vicieuze cirkel doorbreekt? Door af te stappen van strenge regels en je meer te focussen op intuïtief eten en beweging waardoor je je empowered voelt, zowel mentaal als fysiek.

Alsjeblieft, gooi die weegschaal het raam uit. Want wat die ook aangeeft, dat zegt niets over wie jij bent.

Marijne omschrijft zichzelf al anderhalf jaar als body positive activiste. Als dikke vrouw zet ze zich in voor de gelijkwaardigheid van minderheidsgroepen: zo strijdt ze niet alleen voor dikke mensen, maar is ze ook intersectioneel feminist, black lives matters ally en werkt ze op haar Instagram taboedoorbrekend door mentale gezondheid aan te kaarten. Alles wat er in de maatschappij beweegt, houdt Marijne bezig!

Het is weer zover: de Vlaamse Kringwinkels vieren op zaterdag 17 oktober hun jaarlijks feest. Dan doen ze net dat extraatje meer voor hun klanten tijdens de ‘Dag van De Kringwinkel’. “Een ideaal moment om onze missie te verkondigen aan het grote publiek”, zegt Louise Vrints, communicatieverantwoordelijke van De Kringwinkel Antwerpen.

Wie nu en dan graag thriftshopt (winkelen in tweedehandszaken), zoekt aanstaande zaterdag beter een gaatje in zijn agenda. Dan openen Kringwinkels in heel Vlaanderen hun deuren met een uitgebreider aanbod dan gewoonlijk. “Elke winkel kiest een thema waarrond zij extra leuke dingen zullen voorzien”, legt Vrints uit. “Zo werkt de Kringwinkel in Borgerhout bijvoorbeeld rond fietsen en rotanmeubels, terwijl de Kringwinkel in Brasschaat zich meer zal focussen op kristallen en luxeartikelen.”

Om grote drukte te vermijden, maken de meeste winkels er zelfs een hoogweek of hoogmaand van. Elke dag vullen ze hun aanbod opnieuw aan. Op die manier kan toch iedereen deelnemen en coronaproof op zoek gaan naar authentieke pareltjes.

Tweedelige missie

Met deze dag, week of maand willen de Kringwinkels hun boodschap extra in het daglicht zetten. “Onze winkels zijn sociale werkplaatsen”, zegt Vrints. “Al onze medewerkers hebben dus een bepaalde afstand tot de arbeidsmarkt.” In de Kringwinkel krijgen zij een opleiding die hen klaarstoomt voor de reguliere arbeidsmarkt. “Wie koopt in de Kringwinkel, zorgt er dus voor dat iemand met die moeilijkheden toch een job en opleiding krijgt.”

Naast die sociale missie streeft de Kringwinkel ook naar een duurzamer milieu. “We hopen zoveel mogelijk spullen te redden van de afvalberg”, gaat Vrints verder. “Door ze een tweede leven te geven, willen we het milieu zo weinig mogelijk belasten.” Goedkope spullen aanbieden aan minderbedeelden is volgens Vrints geen doel op zich. “Maar het is uiteraard wel een leuk gevolg van onze activiteiten.”

Met de jaren populairder

De Kringwinkel ziet het aantal klanten en verkochte stuks de laatste jaren steeds meer stijgen. 2019 was dan ook een recordjaar. Toen kregen de Vlaamse Kringwinkels bijna 6,5 miljoen klanten over de vloer. Ook in aanbod kon de Kringwinkel flink uitbreiden. Ruim 36.000 ton aan goederen kreeg vorig jaar een tweede leven. Dat is in vergelijking met tien jaar geleden een stijging van maar liefst 54 procent.

Die populariteitsstijging heeft volgens Vrints veel te maken met de grotere bewustwording rond de klimaat- en milieuproblematiek. “Er is maatschappelijk iets veranderd, waardoor meer en meer mensen het milieu belangrijk vinden. Vroeger was de Kringwinkel maar voor een bepaalde doelgroep, terwijl het nu een winkel van iedereen aan het worden is”, aldus Vrints.

Wie wil weten hoe zijn of haar plaatselijke Kringwinkel deze feestelijke dag viert, vindt meer informatie op de website.

Dit artikel gratis overnemen op je website?

Met borstkankermaand oktober is dit het ideale moment om op te frissen waarom en hoe je je borsten het best controleert. Dokters benadrukken dat de kans op herstel groter is wanneer je een diagnose vroeg kan stellen. Dat geldt zeker voor jonge vrouwen, bevestigt Anneke Goossens (39): “Voor mij was kanker iets dat enkel voorkwam met mensen die verzwakt waren of een slechte gezondheid hadden.” Tot ze zelf getroffen werd.

Anneke Goossens uit Berlare herinnert het zich nog goed. “In 2018 had ik een knobbeltje in mijn linkerborst. Eerst dacht ik dat het niet erg was, maar diep vanbinnen wist ik dat er iets niet juist was. Ik ben altijd al gevoelig geweest aan fibromen (goedaardige gezwellen) in de borsten.”

“Mijn gynaecologe had tijdens mijn jaarlijks onderzoek gezien dat het niet klopte en ze verwees me door om een mammografie en echografie te laten nemen. Ik kon aan haar gezicht zien dat de resultaten daarvan niet goed waren.” Bij Anneke was een tumor in de linkerborst vastgesteld, die al een grootte had van 6 op 7 centimeter. “Als ik niet jaarlijks op controle was geweest, had ik hier misschien niet meer gezeten.”

Borstkanker is de meest voorkomende kankersoort in België en kost ieder jaar zo’n 2 300 mensenlevens. “Het is een vrij frequent voorkomende problematiek, een op de acht à negen vrouwen krijgt borstkanker. Daarom is het zeer belangrijk dat vrouwen regelmatig zelf de borsten controleren”, zegt dokter Jan Decloedt van de borstkliniek in het AZ Sint-Blasius.

Die zelfcontrole werd vroeger niet zo vaak voorgesteld, maar werpt nu wel haar vruchten af. Vandaag komen namelijk meer en meer patiënten zelf met hun letsels naar de dokter. “Vrouwen moeten hun borsten leren kennen om zo op termijn mogelijke veranderingen tijdig op te merken. Op die manier kunnen ze gerichter een arts raadplegen en ook sneller om een mammografie vragen.”

Erfelijkheid

“Ik was nog maar 37 en dus vrij jong om al borstkanker te hebben, daarom hebben ze een genetisch onderzoek gestart. Daaruit bleek dan dat ik een BRCA2 mutatie heb.” Bij zo’n afwijking kan het borstkankerrisico sterk stijgen, waardoor ook op jongere leeftijd borstkanker wordt vastgesteld. “Bij vrouwen kan de erfelijkheidsfactor ervoor zorgen dat het risico oploopt tot 60 à 80 procent”, aldus dokter Decloedt.

“Tot voor mijn diagnose wisten we nog niet dat die mutatie in onze familie zat. Na mij kregen ook mijn zus en haar dochter hetzelfde nieuws. Zij zeggen dat ik voor hun in de vuurlinie heb gestaan en daar ben ik blij om”, vertelt Anneke trots, al was ze bij het begin van die diagnose zo blij niet.

“Ik herinner mij die confrontatie nog alsof het gisteren was… Ik had net promotie gekregen op mijn werk en dacht: ik toch niet? Voor mij was kanker iets dat enkel voorkwam met mensen die verzwakt waren of een slechte gezondheid hadden. Het is alsof je wereld in elkaar valt.”

Het ergste vond Anneke echter om met die zware diagnose naar haar familie te gaan. “Ik ben zelf iemand die niet te lang bij dingen stil blijft staan, maar ik was niet alleen. De mensen rondom mij hadden ook verdriet en dat was moeilijker om te zien. Je ouders en je kinderen zien wenen komt hard binnen.”

“Ik heb wel direct gezegd: ik ga niet dood! Op dat moment was dat nog ver van zeker, maar dat zat zo in mijn hoofd. Als ze mij klein wilden krijgen moesten ze met iets anders uit de hoek komen. Zelf ben ik altijd optimistisch geweest en dat moet ook, anders ben je een vogel voor de kat.”

Behandeling

Als er, zoals bij Anneke, bij jou ook borstkanker wordt vastgesteld is er nog geen directe reden tot paniek. In tegenstelling tot vroeger word je nu behandeld met het oog op een volledig herstel en wordt er alles aan gedaan om een herval te vermijden. “Vroeger werd borstkanker enkel lokaal behandeld in de vorm van een operatie. Nu zijn we overgeschakeld naar een systemische behandeling die ook de rest van het lichaam omvat”, legt Decloedt uit.

Na het verwijderen van de tumor tot in het gezond weefsel wordt er overgegaan naar hormonale therapie en/of chemotherapie. “Zo’n 60% van de tumoren zijn hormoongevoelig, door het toedienen van anti-oestrogenen blijft de tumor dus weg. Dat kan in combinatie met chemotherapie. Hiermee verkleinen we de kans dat de kanker kan terugkomen in bijvoorbeeld de longen, de lever of het botweefsel.”

Bij Anneke bestond de behandeling uit vier delen: “Eerst vier zware chemo’s, dan twaalf lichte, daarna de amputatie van de borst(en) en tot slot nog bestraling. Na de tweede en derde zware chemo ben ik even door een dieptepunt gegaan. Als ze mij toen kwamen halen was dat oké geweest voor mij. Op die moment was van de zetel naar het toilet stappen een opgave.”

“Als je dat zelf nooit hebt meegemaakt is het heel moeilijk om uit te leggen hoe slecht je je dan voelt.” Chemotherapie heeft echter niet enkel gevolgen voor de binnenkant. “Je huid wordt grauw, je verliest je wenkbrauwen, je haar… Voor mij was mijn haar verliezen een veel grotere opgave dan mijn borsten.”

Het lijkt voor veel vrouwen een nachtmerrie om een deel van hun vrouwelijkheid af te geven, maar voor Anneke was dat anders. “Mijn borsten waren het kwaad en die konden dus niet snel genoeg weg zijn, maar ik was altijd heel fier op mijn haar. Dat is nu al redelijk goed gegroeid, maar nog niet tot de lengte die ik wil, al zie ik dat eerder als een luxeprobleem.”

Op zeven februari onderging Anneke een operatie van acht uur. Daarin werd haar buikweefsel gebruikt om haar borsten te reconstrueren. “Hoewel ik er nooit een traan voor gelaten heb, ben ik toch blij dat ze terug zijn. Daardoor voel ik me terug meer vrouw.” Op drie juli staat haar voorlopig laatste operatie op het programma: de tepelreconstructie. “Dan gaan ze mij opnieuw een beetje meer vrouw maken.”

Gevolgen

Dankzij haar behandeling werd Anneke‘s kans op herval opnieuw even groot als de kans dat eender welke vrouw borstkanker ontwikkelt. “Als ik zou zeggen dat ik niet bang ben om te hervallen zou ik liegen. Nu moet ik nog om de vier maanden op controle gaan. Op die dag voel ik me terug heel klein.”

“Borstkanker heeft mij gemaakt tot de vrouw die ik nu ben. Ik onthoud vooral dat hoewel het veel verdriet teweeg bracht, er ook heel wat goede dingen uit zijn gekomen. Naast een sterkere band met sommige vrienden en familieleden heb ik ook geleerd om meer te relativeren. Sommige dingen zijn namelijk niet belangrijk genoeg om je aandacht aan te besteden.”

Anneke vindt nu haar geluk in de kleinere dingen. “Ik heb geleerd om me minder druk te maken over de banale dingen en meer tijd te steken in de dingen en personen die er echt toe doen. Zoals een uurtje fietsen of genieten van de momenten met je familie. Dankzij Corona heb ik zo ook heel wat gestolen momenten gekregen.”

Samen met haar borstoperatie werden ook de eierstokken weggehaald, daardoor zit Anneke nu vervroegd in de menopauze. “De enige beperkingen die ik heb, komen door mijn menopauze. Ik heb soms last van mijn gewrichten, maar om dat te voorkomen gebruik ik kurkuma en sport ik veel. Als ik dat niet doe, raak ik niet uit bed van de pijn.”

“Ik moet ook calciumtabletten innemen, want door de menopauze is de kans op osteoporose groter. Doe ik dat niet, dan kan ik later makkelijker iets breken.” Bovendien is Anneke moeten stoppen met boksen. “Voor de kanker was ik ongeveer anderhalf jaar bezig. Zo eens goed tekeer gaan tegen een bokszak, dat mis ik wel, maar er zijn genoeg alternatieven… Ik zeg altijd: Ik mag niet klagen. Want eigenlijk ben ik gelukkig.”

Bevolkingsonderzoek

Naast jaarlijkse medische controle helpt de overheid ook een handje om borstkanker preventief op te sporen. “De piek van het aantal gevallen van klassieke borstkanker die geen invloed hebben van erfelijke factoren ligt tussen 50 en 70 jaar. Daarom krijgen vrouwen vanaf die leeftijd om de twee jaar een uitnodiging van de overheid om zich te laten screenen”, vertelt Decloedt.

Het is natuurlijk niet nieuw dat naarmate de leeftijd stijgt ook de risico’s op bepaalde ziektes stijgen. Toch blijft het opmerkelijk dat er jonger dan 50 jaar, zoals het geval bij Anneke, normaal geen controles worden uitgevoerd. “Tenzij het om erfelijkheidskwesties gaat, doen we vanaf 40 jaar nog geen screening. Maar hoe vroeger je de diagnose kan stellen, hoe groter de kans is dat je volledig herstelt.”

Hoe zelf controleren?

Het is dus belangrijk dat je je borsten regelmatig controleert. Zeker als je de leeftijd van 40 bereikt hebt. Maar hoe doe je dat en wanneer doe je dat? Het kan na het douchen, maar best twee weken na de menstruatie. “Op dat moment zijn de borsten iets soepeler en dus makkelijker te controleren”, aldus Decloedt.

Het is belangrijk dat je voor de spiegel uit verschillende perspectieven je borsten bekijkt. Zowel langs de voorkant als de linker- en  rechterzijde. Kijk vooral naar de omtrek van de borsten. Zie je in je borsten een verschil als je je armen naast het lichaam houdt vergeleken met als je ze boven je hoofd houdt? Is je tepel wat meer ingetrokken?

Kijken alleen is echter niet goed genoeg. Controleer daarom zeker ook bimanueel! “Je moet met beide handen je borsten controleren op bolletjes die er bij een vorige controle niet waren.” Als je dan regelmatig controleert weet je direct wanneer iets niet juist is. Moest je dus onzeker zijn, aarzel dan niet om bij de huisarts langs te gaan, dan ben je er zoals Anneke tijdig bij.

De jongeren van Lab X gingen met een camera de wijk Antwerpen-Noord verkennen. Ze gingen op zoek naar fijne plekken, maar ook plaatsen waar het beter kan. Hieronder de resultaten van die stedelijke ontdekkingstocht. 

Dit artikel gratis overnemen op je website?

Met zijn onderzoek naar “vijandvorming in de Amerikaanse actiefilm” schopte Lennart Soberon van de UGent het op 5 oktober tot de laatste acht finalisten van de PHD Cup. Dat is een wedstrijd waar doctorandi aan deelnemen om het grote publiek kennis te laten maken met hun onderzoek. Een link met de Black Lives Matterbeweging bewijst dat zijn onderzoek relevant en actueel is.

We associëren actiefilms in eerste instantie met vermaak. Waar we ons echter niet altijd bewust van zijn, is dat de verbeelding van het geweld een teken is van een dieperliggend structureel probleem. “Net omwille van mijn liefde voor het witte doek, besloot ik hier onderzoek naar te doen,” zegt doctorandus Lennart Soberon (UGent). De communicatiewetenschapper specialiseerde zich later in cinema en noemt zichzelf een cinefiel in hart en ziel. In “Houden van te haten: vijandvorming in de Amerikaanse actiefilm” onderzoekt hij hoe vijanden worden afgebeeld in Amerikaanse blockbusters.

Volgens Soberon kijken we in de eerste plaats naar films om emoties op te wekken: zo hopen we ons bijvoorbeeld geliefd te voelen na een romantische komedie. Soberon merkt op dat liefde en haat de basis van elke film vormen. Filmmakers weten precies hoe ze daarop moeten inspelen. Daarin is ‘vijandvorming’ belangrijk. Dat betekent dat filmmakers bewust nadenken over hoe ze een vijand afbeelden, opdat de kijker negatieve gevoelens tegenover dat personage zou ontwikkelen. “Het is een middel om de kijker emotioneel te manipuleren en mee te nemen in het verhaal. Filmmakers brengen via hun beelden bepaalde overtuigingen over en de kijker interpreteert en begrijpt de wereld aan de hand van die voorstellingen” vertelt Soberon.

Ongelijke maatschappelijke machtsverhoudingen

We leren houden van de haat en nemen een negatief standpunt in tegenover de afgebeelde vijand, ondervond Soberon. Verder merkte hij op dat die vijanden vaak tot minderheidsgroepen behoren. “Mensen met andere etnische achtergronden en van de norm afwijkende seksuele oriëntaties worden vernietigd door de witte heldhaftige heteroman” haalt Soberon aan. Op die manier vertaalt en bevestigt de filmwereld grote ongelijke maatschappelijke machtsverhoudingen: “We denken dat we in een inclusieve maatschappij leven maar een groot deel van ons kijkt met vooroordelen naar andere groepen. Films versterken dat en het is een kenmerk van structurele onverdraagzaamheid en onbegrip,” aldus Soberon.

Sensationeel geweld

Afgelopen lente stroomden de straten van Brussel vol met Black Lives Matter-activisten die het politiegeweld op minderheden bekritiseerden. Soberon merkte op dat ook in films politie-agenten als helden worden afgebeeld, terwijl ze soms grotere geweldenaars zijn dan de personen die criminele feiten plegen. Desondanks blijft geweld in films in eerste instantie vermaak voor de ogen, volgens Soberon. Het wordt als heroïsch en legitiem aanzien. “Het feit dat geweld tegen minderheidsgroepen als sensatie wordt ervaren, moet erkend worden als een structureel maatschappelijk probleem. Zolang dit niet gebeurt, is het slechts een lege en trieste vorm van inclusie,” kaart Soberon aan. Hij pleit voor sensibilisering en een kritisch bewustzijn. “Een open en kritisch debat kan bijdragen tot een bewustere kijkhouding, waardoor geweld eerder als probleem dan als sensatie wordt ervaren”, aldus Soberon.

Uiteindelijk ging Bert Van den Bogerd van de UAntwerpen met de overwinning aan de haal. Zijn pitch ging over de oplossing om het zicht van mensen met een hoornvliesaandoening te herstellen. Met een heldere pitch over zijn complexe onderzoek won hij zowel de publieks- als de juryprijs.

Het koloniaal verleden van België is een zwarte bladzijde in de geschiedenis. We praten er niet zo graag over, want dat is toch allemaal zo lang geleden? Maar hoe kijken we nu naar Congo? Met diezelfde vraag stellen Stad Antwerpen en het MAS de expositie 100 x Congo voor. Een reis doorheen de koloniale geschiedenis aan de hand van verschillende kunstwerken uit Midden-Afrika. Het cijfer “100” staat voor het aantal jaren dat de stad Antwerpen in het bezit is van de Congolese kunstcollectie. De bedoeling van de expositie is om het maatschappelijk debat over de restitutie van de kunstwerken te voeren vanuit een culturele én Antwerpse invalshoek. Na het antiracismemomentum van vorige zomer een brandend actueel debat. 

In Antwerpse handen

100 jaar geleden heeft het Antwerpse museum Vleeshuis de eerste objecten vanuit het toenmalig Belgisch Congo gekregen. Een duizendtal objecten werd destijds verkocht door de kunsthandelaar en verzamelaar Henri Pareyn (1869-1928). In datzelfde jaar schonk de toenmalige minister van Koloniën Louis Franck (1868-1937) een collectief dat hij verworven had tijdens zijn inspectiereis in Belgisch Congo. Beide collecties zouden het startpunt voor de Afrikaanse verzamelingen van de stad Antwerpen worden. De Afrika-collectie van het MAS bestaat op dit moment uit 15000 kunstobjecten, waarvan ongeveer 5000 afkomstig zijn uit de huidige Democratische Republiek Congo, de Republiek Congo en Angola (Nvdr.: Een deel van de drie voornoemde landen vormden samen met een deel van Gabon het Congo-koninkrijk tot eind 19de eeuw). De Congolese collectie is verder uitgebouwd met kunstobjecten die aangekocht zijn in de kunsthandel, via missionarissen verworven en door schenkingen van particulieren en talrijke legaten. 

Nuance, meerstemmigheid en verbinding

100 x Congo heeft drie doelstellingen: het wil informeren over de klassieke Congolese kunst en gebruiksvoorwerpen, nieuwe inzichten voor het debat over het koloniaal verleden, erfenissen, dekolonisatie en beeldvorming delen én het debat tussen de verschillende betrokkenen op Antwerps, Belgisch en Congolees niveau aanmoedigen. De kernwoorden voor deze expositie zijn nuance, meerstemmigheid en verbinding. 

Het MAS heeft de daad bij woord gevoegd om die doelstellingen waar te maken. Politicologe Nadia Nsayi, ook bekend voor haar boek Dochter van de Dekolonisatie, is curator beeldvorming. De organisatie van 100x Congo gebeurde in samenwerking met een adviescommissie, verschillende Congolese kunstenaars en filmmakers. Historici en onderzoekers van de universiteit van Kinshasa en de universiteit van Lubumbashi zoals kunstenaars Matthias De Groof, Patrick Mudekereza en het Collectif Faire-Part hebben ook bijgedragen aan de organisatie.  

Zeven clusters

100x Congo bestaat uit zeven clusters: de verruiming van de Europese horizon en sporen van contacten tussen Europa en Afrika en de rol van Antwerpen daarin, de verbeelding van Afrikanen door de Antwerpse meesters in de Lage Landen, de Antwerpse wereldexpo’s in 1885, 1894 en 1930, die zorgden voor de beeldvorming in de koloniale periode, de verruimingsgeschiedenis van de Congolese collectie in Antwerpen, de honderd objecten: rondreis in Congo, de impact van missionering in Congo en Afrika/Europa: nieuwe invloeden en nieuwe dynamiek in de kunst. 

Die clusters tonen ook aan in welke mate we de (de)kolonisatiegeschiedenis vanuit een kunsthistorisch punt kunnen bekijken en dat er nog veel te ontdekken valt. Een frappant voorbeeld is de acht overledenen bij de wereldexpositie van 1894 in Antwerpen. Zij werden begraven in de toenmalige begraafplaats op het Kiel, maar hun restanten werden later, samen met de restanten van onbekende Antwerpenaren die begraven waren op het Kiel, in een massagraf van het Schoonselhof gegooid. Het jongste slachtoffer was amper 17 jaar. Een expositie om te ontdekken en om uit te leren. 

De rondleiding 100x Congo is in het Nederlands, maar ook in het Lingala en in het Swahili beschikbaar. Wie graag eens een kijkje gaat nemen, kan tot en met 28/03/2021 terecht in het MAS. Tickets en info op 100 x Congo.  

Een 450 kg zware kubus uit roestvrij staal vacuum trekken, dat is wat de Duitse kunstenaar Ewerdt Hilgemann (82) afgelopen zaterdag op het Falconplein in Antwerpen voor elkaar heeft gekregen. De kubus hoort bij een solotentoonstelling die de dag erna van start ging bij Gallery Coppejans. De Duitse kunstenaar is niet aan zijn proefstuk toe: hij maakt al sinds 1959 kunst met geometrische vormen. De kubus is een steeds terugkerende vorm in zijn kunst.

StampMedia-reporter Youssef Bouzim was erbij en maakte een fotoreportage.
De performance en de tentoonstelling zijn nog tot 25 oktober toegankelijk.

Onder het motto “We need more black superheroes” toont fotograaf Dandy Fuego hoe zwarte mensen op een positieve, mooie en krachtige manier geportretteerd kunnen worden. Geen zielige relazen over kolonisatie, geen vernederende reconstructies van slavernij. Gewoon Black Beauty. Puur natuur. Omdat het kan, mag en zelfs moet. Omdat het tijd is. 

Vertel eens Dandy, hoe is deze tentoonstelling tot stand gekomen? 

De foto’s die ik hier tentoonstel, zijn met de jaren een verhaal gaan vormen. Nu kreeg ik de kans dat verhaal ook aan de buitenwereld te vertellen. Ik wilde foto’s van alledaagse zwarte mensen in hun meest pure vorm. Met natuurlijk haar, felle kleuren, elegantie en ruwheid. Dat zorgt voor herkenbaarheid en dat is net wat ik wil vertellen met mijn fotografie. Ik wil dat iedereen die hier buiten loopt het gevoel heeft dat ze ertoe doen, dat ze het waard zijn, dat ze talentvol en mooi zijn. Hier ligt het belang van visuele representatie: jezelf herkennen in wat je in de media ziet en weten dat jij ook telt. Dat is de voornaamste boodschap die ik wil meegeven. 

Wat is de betekenis achter de naam Take A Seat For Visual Representation? 

Take A Seat For Visual Representation is voor eenieder de kans om er letterlijk even bij neer te zitten en kijken hoe het ook kan. Kom eens zitten en kijk naar wat de mogelijkheden zijn. Zwarte mensen zitten vaak al in een tweestrijd: aan de ene kant wil je trouw blijven aan je cultuur en wat je ouders, die van een andere generatie zijn, van je verwachten en aan de andere kant wil je bijdragen aan de maatschappij hier en je ding kunnen doen. Een evenwicht zoeken daarin is soms moeilijk. Vooral als het frame dat gebruikt wordt als er over de zwarte gemeenschap gesproken wordt, voornamelijk negatief is.

Meer dan enkel een stoel bij te nemen en aan te schuiven aan tafel, wil ik onze eigen tafel maken. 

Door een nieuwe visie te tonen, creëer je ook de mogelijkheid om veranderingen teweeg te brengen in dat vertekend beeld. Niemand gaat dat in onze plaats doen. Meer dan enkel een stoel bij te nemen en aan te schuiven aan tafel, wil ik onze eigen tafel maken. Gatekeeper worden van hoe we onszelf in de media willen zien. Dat gebeurt in kleine stappen. De generatie na ons kan hier dan op verder bouwen. Met de Black Lives Matter-beweging die de laatste maanden meer aandacht krijgt, is dit het perfecte moment om onszelf op de kaart te zetten. Om te laten zien wat we kunnen en waar we voor staan. Het is een ode aan alle zwarte mensen die zich niet gerepresenteerd voelen. 

En wat is jouw favoriet? 

Dat is zonder twijfel het portret van mijn broer. Hij draagt er het pak voor zijn traditionele trouw. De kleuren, de pose, de blik… het straalt iets koninklijks uit en het vormt een mooie knipoog naar mijn  Congolese roots. Het is een sterk beeld. Het soort beelden waar ik mezelf in zou herkennen en die me eraan herinneren dat ik waardevol ben. 

Interesse gekregen? Rep je dan naar KOP (Amerikalei 128, 2000 Antwerpen). De tentoonstelling is nog tot en met 27 september te bezichtigen. Meer informatie vind je via deze link.

Voir cette publication sur Instagram

Une publication partagée par Joe Mbongo (@dandyfuego) le

In 2019 reikte de Universiteit Antwerpen een eredoctoraat uit aan de Congolese artsen Muyembe en Mukwege. Rector Herman Van Goethem stelt ook voor om in 2021 de grote, ‘koloniale’ aula op Campus Middelheim de naam van de vermoorde Congolese premier Lumumba en zijn vrouw Pauline geven. We spraken met rector Herman Van Goethem over het belang van die initiatieven.

De UAntwerpen reikte in april 2019 een eredoctoraat uit aan de Congolese gynaecoloog Denis Mukwege, de Nobelprijswinnaar van 2018 die slachtoffers van seksueel geweld verzorgt en begeleidt. Een maand later kreeg ook de Congolese microbioloog Jean-Jacques Muyembe, een wereldautoriteit op vlak van het ebola-virus een eredoctoraat. Hoe onderhoudt de UAntwerpen de banden en contacten met hen? 

“De twee eredoctoraten zijn een belangrijk middel om die banden aan te halen, en zo onze samenwerking met Congo en Afrika te versterken. We werken nu al enkele jaren samen met dokter Muyembe, ook via het Instituut voor Tropische Geneeskunde in Antwerpen. We hebben een sterke band met enkele Congolese universiteiten, waaronder de Université de Kinshasa, dankzij dokter Muyembe die er doceert en wereldfaam heeft als viroloog. Hij is ook directeur van het Nationaal Instituut voor Bio-medisch Onderzoek in Congo.

“Ook met dokter Mukwege hebben we een goed contact. Mijn universiteit zet reeds vele jaren in op samenwerking in het gebied van de Grote Meren, onder meer via het Instituut voor Ontwikkelingsbeleid (IOB). Denis Mukwege laat ons ook toe de brug te slaan naar onderzoek over massageweld, iets wat om bijzondere vormen van vredesbemiddeling, collectieve pacificatie en traumaverwerking vraagt. Het is een domein waarin ook ikzelf enige expertise heb. Oost-Congo is een heel complexe regio, en wat dokter Mukwege daar doet is uitermate belangrijk. We willen hem daarin steunen.

Als u met een Nobelprijswinnaar voor de Vrede in gesprek gaat, wat stelt u hem dan voor om indirect invloed uit te kunnen oefenen op de vrede in de regio ?

We bespraken bijvoorbeeld samen de idee om in Bukavu een monument voor verkrachte vrouwen op te richten. Het is een indirecte manier om druk uit te oefenen op misdadigers. Maar vooral kan zo’n monument als publiek teken, vrouwen helpen om hun waardigheid, zelfrespect en veerkracht terug te vinden. Er is uiteraard ook veel werk op het centrale politieke niveau. De erkenning van wat er is gebeurd, is essentieel. 

Hoe denkt u de boodschap over te brengen aan president Félix Tshisekedi, zodat er vrede kan worden bereikt in dit gebied? 

“Een moeilijke vraag. Ik denk niet dat onze universiteit thans de mogelijkheid heeft om de Congolese regering rechtstreeks te beïnvloeden. Maar wij werken mee aan de vorming van Afrikaanse intellectuelen. Als jonge mensen krijgen ze in het IOB een heel goede institutionele, politieke, sociale en economische opleiding. Zeer velen verwerven nadien belangrijke posities in het Afrikaanse bestuurlijke en maatschappelijke netwerk. Zo kunnen ze baanbrekende invloed uitoefenen op hun land en regio.

“We oefenen dus een indirecte invloed uit op een context die groter is dan Congo. Het is een werk op lange termijn, waarbij we eigenlijk geen grenzen kennen.

Wat vindt u van het huidige debat over de standbeelden van Koning Leopold II?

“Met straatnamen en standbeelden wil men herdenken en eren. Maar er zijn ook wisselende en voortschrijdende inzichten. Historisch onderzoek laat ons een Leopold II zien die indirect betrokken is geweest bij vreselijk massageweld in de Congo Vrijstaat. Vanuit dat inzicht is het onaanvaardbaar dat hij nog zou worden geëerd. Een straatnaam kan je wijzigen, maar wat met een standbeeld, zeker wanneer het een hoge artistieke waarde heeft?  Enkel een bordje met duiding lijkt me onvoldoende. Is het niet denkbaar om zulke standbeelden bijvoorbeeld 15 graden uit hun as te laten overhellen? Daar kijkt elke voorbijganger van op, en voor zover nog nodig kan een tekstbordje uitleg geven. Zulk ‘scheef beeld’ zou een heel sterk teken zijn.

Wat vindt u van het bijhorende debat over dekolonisatie ? 

De term ‘dekolonisatie’ is sterk mobiliserend, en dat is belangrijk. Tegelijk is het een beperkt begrip, want eigenlijk gaat het over diversiteit. Willen we een diverse samenleving, gebaseerd op gelijkwaardigheid en wederzijds respect? Dan moeten we meer bewust worden van onze vele impliciete, cultureel ingebedde vooroordelen. Als we die beter leren kennen, dan zal dit àlle groepen ten goede komen die slachtoffer zijn van structurele discriminatie.

Over de keuze voor de naam Lumumba: begrijpt u dat de figuur Lumumba in België omstreden blijft, en ook voor controverse kan zorgen?

Ook de naam Lumumba is sterk mobiliserend. Patrice is een iconische figuur van pan-Afrikaans formaat, die zijn eigen beperktheden overtreft en veel ruimer reikt dan Congo.

Waarom is de naam Lumumba in Afrika en de rest van de wereld te horen, en waarom die van de eerste Congolese president Kasa-Vubu niet? Vindt u niet dat de eerste president van Congo zo wordt genegeerd? 

De mensen en de omstandigheden hebben van Lumumba een kristallisatiepunt gemaakt in het denken rond dekolonisering en discriminatie. Het is wat het is. Uiteraard zijn er vele andere belangrijke figuren, waaronder Kasa-Vubu. Je moet een keuze maken en dan denk ik dat Patrice Lumumba die bijkomende trans-Afrikaanse dimensie heeft die we zo nodig hebben.

Lumumba was een pionier in het hedendaagse denken met zijn vlijmscherpe kritiek op het kolonialisme. Hij kwam vooral ook op voor de eenheid van een Congolese republiek die moest bestuurd worden door Congolezen. Natuurlijk maakte hij fouten. Vergeten we ook niet dat België in Congo de zwarten liefst enkel lager onderwijs gaf om ze te kunnen opleiden tot eenvoudige handenarbeiders. Met nette huisjes en prima gezondheidszorg, dat wel, maar het was een feitelijke Apartheid waardoor anno 1960 nog geen tien zwarte Congolezen een universitair diploma hadden! De Congolezen misten de broodnodige administratieve en economische opleiding, zodat ze bij onderhandelingen door de Belgen gerold werden waar ze bij stonden.

Lumumba werd dus het pad van de mislukking opgestuurd. Hij sloeg wild om zich heen en werd al in januari 1961, amper 6,5 maanden na de onafhankelijkheid, uit de weg geruimd. Geen enkele kans kreeg hij om zelfs maar een behoorlijk project neer te zetten. Het lijkt me daarom ook zinvol om de persoon van Patrice te verbinden met zijn vrouw Pauline. Na zijn dood kwam zij niet alleen met vuur voor hem op, maar ze droeg ook alleen en met succes de zorg voor haar gezin. In de figuur van Pauline zie ik de periode na 1960, met de vele gewone Congolezen die zich dag en nacht in moeilijke omstandigheden inzetten opdat hun kinderen en kleinkinderen degelijke scholing zouden krijgen en opgroeien tot fijne, sterke mensen.

U heeft zich kandidaat gesteld voor uw eigen opvolging, welke innovatie bent u van plan te implementeren voor de Universiteit Antwerpen? 

We willen nog meer inzetten op studentenwerving en internationalisering. Valorisatie en innovatie door onderzoek zijn een ander belangrijk aandachtspunt. In de covidcrisis stààn we er als universiteit, en dat is echt geen toeval. Ook moet de UAntwerpen zijn ligging in de havenregio goed valoriseren. Zo zetten we sterk in op alles wat met duurzame chemie te maken heeft.

Herman Van Goethem (°1958) studeerde rechten en geschiedenis en doceert sinds 1990 doceert aan de UAntwerpen. Hij publiceerde vooral over de politieke geschiedenis van België en specifiek over de Tweede Wereldoorlog. Eén van zijn spraakmakende boeken is ‘Leopold III. De Koning, het Land, de Oorlog’, dat hij samen met jurist Jan Velaers schreef. Hij was in 2008-2016 curator en directeur van Kazerne Dossin, Museum en Memoriaal over Holocaust en Mensenrechten. Sinds 2016 is hij rector van de Universiteit Antwerpen. Recent was hij medeoprichter, in Mechelen, van het Hannah Arendt Instituut Diversiteit, Stedelijkheid & Burgerschap.

Van 1 tot en met 3 juli organiseerde StampMedia het mediakamp fotografie. Bekijk hieronder de resultaten van de jongeren. 

Dit artikel gratis overnemen op je website?