© Assia Missaoui/De Roma
reacties (0)

Cijfermateriaal erover bestaat (nog) niet, maar het is wel degelijk een probleem in ons land. Etnisch profileren - politie die burgers zonder aanleiding, enkel gebaseerd op hun uiterlijk, aan controles onderwerpt, creëert wantrouwen tussen burger en politie en is een vorm van discriminatie.

We spreken van etnische profilering wanneer de politie burgers controleert op basis van huidskleur, religie of andere kenmerken, zonder dat daar een objectieve reden voor is. Etnisch profileren is discriminatie, het schendt de mensenrechten en is verboden.

Etnisch profileren gebeurt dagelijks bij politiewerk. Sommigen agenten vinden het zelfs noodzakelijk. Volgens een Nederlandse studie, aangehaald in de analyse van Amnesty International, zou etnisch profiling juist inefficiënt zijn. Mensen die geen strafbaar feit hebben begaan zouden op basis van etniciteit meer gecontroleerd worden. Mensen uit andere groepen - die wél betrokken zijn bij criminele activiteiten - blijven ongecontroleerd. De methode zou het vertrouwen tussen de geprofileerde groepen en veiligheidsdiensten schaden.

Vorige week donderdag organiseerden De Roma, Amnesty International, Uit De Marge en Kif Kif een hele avond over profileren op basis van etniciteit. Je kon er gaan kijken naar de documentaire ‘Verdacht’, met Nederlandse getuigenissen over hun ervaringen met ‘etnic profiling’. Daarna was er tijd voor een politiek debat en verhalen, waaruit bleek dat er nog steeds controles op basis van etniciteit gebeuren, ook bij minderjarigen.

Amnesty International publiceerde in mei 2018 een rapport rond etnisch profileren bij de Belgische politie, waarin het aanklaagt dat het probleem binnen de politiediensten nog niet in kaart  is gebracht.

Nood aan opleiding en controle

In België moet de politie volgens de wet een ‘redelijke grond’ hebben om iemand te mogen controleren. In haar analyse stelt Amnesty International de vraag hoe de Belgische politie die wet omzetten in de praktijk. De reacties waren heel verschillend. Sommige ordehandhavers interpreteren de wet heel strikt,  anderen doen dat op basis van negatieve vooroordelen. Of er werkelijk sprake is van etnisch profileren bij de politie, is niet iedereen het eens. Er zijn geen statistieken beschikbaar en dat maakt het moeilijk om een beleid uit te stippelen. In de VS en Spanje wordt elke controle geregistreerd. Politieagenten krijgen ook een opleiding over etnische profileren en leren een dialoog op te starten tussen burgers en de politie. Het resultaat is dat er nu de helft minder controles zijn in Spanje. De pakkans daarentegen, verdrievoudigde. Amnesty International pleit voor een soortgelijke aanpak in België.

“Hebt gij geen schrik van de politie?”

Hekim (15) en Ceylan (15) waren er vorige donderdag ook bij in De Roma. Ze vertelden over hun ervaring met de politie, en hoe die hen ten onrechte beschuldigde en aanhield. “We gingen op zondagmiddag in Antwerpen iets eten. Onderweg werden we aangehouden door twee politieagentes. Ze vroegen om onze identiteitskaart. Na de controle van onze kaarten moesten we ze volgen, maar ze zeiden niet waarom. Toevallig zag mijn vader ons onderweg en hij belde me op. Ik vertelde dat ik mee was genomen door de politie. Mijn vader vroeg me waarom, maar daar kon ik op dat moment geen antwoord op geven. Nadat we tien minuten gewacht hadden in het politiekantoor, kwam er een inspecteur bij ons. Hij zei dat we aangehouden waren voor een diefstal. Uiteindelijk kwam er ook een hoofdinspecteur naar ons toe. Zij zou de camerabeelden van de diefstal bekijken en ons daarna meer informatie geven. De hoofdinspecteur zei meteen dat wij de daders waren.

“We moesten in een aparte kamer gaan staan en onze kleren uit doen. We werden helemaal gefouilleerd, zelfs aan ons kruis. Ik mocht niet eens een zakdoekje vasthouden. Op een bepaald moment vroeg een van  de politieagenten aan mijn vriend: ‘Hebt gij geen schrik van de politie?’. Maar mijn vriend antwoordde: ‘Nee, waarom zou ik?’ De agent zei vervolgens dat hij ons onschuldig kon vastzetten, als  hij dat zou willen. ‘Als ik jullie was zou ik wel bang zijn.’ We vertelden hem dat we niets verkeerd hadden gedaan en dat we geen schrik hadden. Na twee à drie uur mochten we gaan. Ze zeiden dat alles opgelost was.”

“We hebben nooit de videobeelden mogen bekijken en hebben ook nooit te horen gekregen waar de diefstal juist had plaats gevonden. We wisten alleen dat het om een diefstal ging met twee jongeren die op ons leken. Ik heb geen klacht ingediend. Elke keer als ik een politiecombi of een agent zie, maak ik rechtsomkeer.  De politie is er voor onze veiligheid, dat weten wij ook. Maar hoe ze die dag hebben behandeld, was echt niet normaal. Nu zie ik de politie niet meer als een goede vriend, die me moet beschermen, maar als iemand die ons irriteert zonder geldige reden. Het zijn mensen die ons lastig vallen terwijl we niets mis hebben gedaan.“

“Ze hebben ons drie uur lang behandeld als criminelen. De politie heeft voor mij geen goed imago meer. Maar ik denk niet dat ik klacht zal indienen, want er zal toch niets aan gedaan worden”, zegt Ceylan.

© Kriticos Pandelis Mwansa

“We hadden dit anders kunnen oplossen”, vindt Hekim. “Via mijn identiteitskaart kennen ze mijn adres en de namen van mijn familieleden. Wij zijn nog steeds minderjarig.  Mocht ik er iets mee te maken hebben gehad, dan hadden ze met mijn ouders kunnen gaan spreken. We hadden onze vrije tijd daar niet hoeven te verspillen. We gaan al elke weekdag naar school.”

© Tsane Effiong

“Spreek met de mensen. Het is niet moeilijk”

Ibrahim (18) maakt het twee jaar geleden ook mee in Antwerpen. “Op 5 mei 2017 ging ik met vier vrienden naar het Centraal Station in Antwerpen, om iemand op te halen,” vertelt hij aan het publiek in De Roma. “Op het moment dat we naar binnen gingen, werden we gevolgd door twee soldaten. In het station gingen we op een van de bankjes zitten. Er zijn op zo’n bankjes vier zitplaatsen, maar we waren met vijf. Dus moest iemand ergens anders gaan zitten. Een van mijn vrienden ging naast een meisje zitten. De twee soldaten die mee naar binnen waren gekomen, hadden intussen de veiligheidsagenten van het station geïnformeerd. Ze keken en wezen naar ons. Ze zeiden dingen als: ‘Die jongen met zijn trainingspak en die andere met zijn pet.’ We zijn rustig gebleven, tot de politieagenten naar mijn vriend die naast het zat meisje stapten. Ze vroegen aan het meisje hij haar had lastiggevallen. Dat meisje was zichtbaar geshockeerd en antwoordde van niet.”

“Nu, mijn vriend spreekt geen Nederlands. We zijn naar de beveiliging gestapt om te verduidelijken dat hij nieuw is in België. Een van de beveiligingsmensen zei: ‘Hou uw bakkes en ga terug zitten.’ We zijn dan maar terug gaan zitten.  Een van de agenten is bij ons gebleven terwijl de andere een politiehond ging halen. Eenmaal terug gebruikte hij de hond om mijn vriend bang te maken. Mijn vrienden en ik vonden dat we iets moesten doen. Maar zodra we in de buurt kwamen, richtte de agent zich met zijn hond op ons. We vroegen hem of we iets verkeerd hadden gedaan. Hij antwoordde niet en commandeerde dat we naar buiten moesten. Daarbij gebruikte hij een aantal scheldwoorden.”

“Het was shockerend. Wij waren gewoon jongeren die samen aan het wachten waren in het station. Ik was  kapot vanbinnen en voelde me hier niet thuis. Ik was behandeld als een moordenaar of terrorist. Een paar van mijn vrienden zeiden dat we hier niets aan konden doen. Maar ik wou toch iets ondernemen. Ik heb geprobeerd een klacht neer te leggen bij de politie. Ik heb het hele verhaal telkens volledig uit de doeken gedaan op twee verschillende politiebureaus, maar hun antwoord was telkens dat de acties ondernomen door de agent wettelijk waren. Op een mail naar de klachtendienst van het Centraal Station kreeg ik zelfs geen antwoord.“

“Niet iedereen bij de politie is slecht. Maar wat wij, de jongeren, nu zien op straat en op de pleintjes, is niet de goede kant van de veiligheidsdiensten. Het moet anders. We zouden ons beschermd moeten voelen, maar het enige wat ik momenteel voel is wantrouw. Spreek met de mensen. Behandel mensen zoals jij behandeld zou willen worden. Het is niet moeilijk.“

Inbraak in je eigen woning

In 2013 werd Kriticos beschuldigd van inbraak in zijn eigen woning. Hij was 16. De agente ter plaatse trok haar dienstwapen nadat ze geschrokken was van een dichtslaande deur. De partner van de politievrouw kon uiteindelijk bij de buren bevestigen dat Kriticos wel degelijk geen inbreker was. Pas dan stak ze haar wapen weer weg. Zonder zich te verontschuldigen reden de wijkagenten weg. Kriticos’ jongere broer en zus zagen het allemaal gebeuren. Zijn ervaring schreef hij neer in een blogbericht voor Amnesty International. Ook bracht hij zijn getuigenis in de weekendeditie van Knack.

“Dat was de eerste ervaring die ik ooit heb gehad met de politie,” zegt Kriticos. “Sindsdien heb ik nog verschillende andere aanvaringen gehad. Bijvoorbeeld  in de trein onderweg naar school in Leuven. s ’Ochtends zitten wagons in de tweede klasse meestal stampvol. Om dit te omzeilen heb ik een abonnement gekocht voor de eerste klasse. Op een bepaalde dag, ik was onderweg naar school, zat ik tegenover twee politieagenten. Ik was een boek aan het lezen. De twee agenten bleven mij echter aanstaren. Tot een van de agenten me vroeg: ‘Weet je waar je nu zit? Dit is een eerste klasse wagon’. Ik antwoordde dat ik daar van op de hoogte was. Hij geloofde me niet en zei: ‘Nee nee, de tweede klas wagons zijn wat verder’. Vervolgens vroeg hij of ik wel een eersteklas ticket had. Ik antwoordde dat ik het juiste abonnement had en vroeg hen waarom ze me al die vragen stelden. De agenten zeiden dat het om een willekeurige controle ging. Zover ik weet zijn politieagenten geen treincontroleurs en is het niet hun taak om ticketcontroles uit te voeren.”

“De agent die me al die vragen had gesteld, ging op zoek naar de treinbegeleider en bracht hem naar onze wagon om me te controleren. Ik was niet de enige reiziger in de eersteklas wagon, maar de andere inzittenden waren wel allemaal oudere blanke reizigers. Vervolgens vroeg hij enkel mijn vervoersbewijs en niet dat van de anderen. Nadat hij zag dat ik wel degelijk het juiste abonnement had, vertrok hij zonder een woord. Het was een genânte rit verder. De agenten zaten tegenover mij alsof er niets gebeurd was, terwijl de andere reizigers me aankeken alsof ik iets had misdaan.”

Lachen naar de camera? Verdacht.

Maar dat is niet de Kriticos’ enige slechte ervaring. “Onlangs werd ik tegengehouden in de Fnac. Ik was er samen met mijn jongere broer. Het was op vier januari, even na Kerstmis. We hadden een aantal dingen gekocht en net wanneer we naar buiten wilden stappen, werden we terug naar binnen geduwd door de beveiligingsagent van de winkel. Het winkelalarm was nochtans niet afgegaan. Ze duwden ons naar een kamer achterin. Het was beschamend. Je kijkt rond en je ziet al die blikken, alsof je betrapt bent tijdens het stelen. Maar we hadden niets gedaan.”

“Eenmaal achterin de winkel in een klein kamertje hield ik mijn kasticket stevig vast en begon ik met mijn smartphone te filmen. De beveiligingsagenten van de winkel ondervroegen ons en doorzochten onze zakken. Mijn broer en ik vroegen waarom we zo werden behandeld, maar kregen geen antwoord. Ze zeiden enkel dat ze hun job deden. Wanneer ze zagen dat ik aan het filmen was, veranderde hun antwoord. Opeens zeiden ze dat mijn broer in de beveiligingscamera had gekeken en dat was verdacht. Het was voor hen reden genoeg om ons tegen te houden en te fouilleren.”

“Ik word gezien als een bedreiging, zonder bewijs.”

“Ik heb nooit een klacht ingediend bij de politie. Ik heb altijd gedacht dat dat niet kon. Toen ik een keer door de politie tegengehouden werd voor een onwettige identiteitscontrole heb ik hen wel om hun dienstnummers gevraagd. Maar die hebben ze toen niet willen geven.”

“De gebeurtenissen van de afgelopen jaren hebben mijn mening over de politie veranderd. Mijn eerste aanvaring in België was met de wijkpolitie. Mijn gedrag in mijn eigen omgeving veranderde. Ik voel me erg oncomfortabel als ik ze tegenkom. Ik voel me niet meer veilig, terwijl dat wel zou moeten. Wat er in de Fnac is gebeurd, shockeerde me eerst. Maar daarna keken ik en mijn broer elkaar aan en dachten: ‘Hier gaan we weer’. Maar eigenlijk zouden we daar nooit aan gewend mogen geraken. Het is alsof je je nog onschuldiger moet voordoen dan je al bent. Je moet nog veiliger lijken.”

“Het zorgt ervoor dat ik me hier niet thuis voel, terwijl ik al meer dan 15 jaar in België woon. Het doet je vervreemd voelen en het lijkt alsof ze me een boodschap willen geven. Ik ben een bedreiging en kan ze niet van het tegendeel overtuigen.”

“De veiligheidsdiensten zouden aansprakelijk moeten gesteld worden als ze iemand tegenhouden zonder geldige reden. De reden van aanhouding zou gedocumenteerd moeten worden. Als er geen geldige reden is moet dat gesanctioneerd worden. Bijvoorbeeld dat ze geen kans meer maken op promotie. Mensen die profileren op basis van etniciteit staan niet stil bij de gevolgen voor de slachtoffers. De agente die mij beschuldigde van inbraak in mijn eigen huis gaat waarschijnlijk gewoon verder met haar leven. Maar ik praat er zoveel jaar later nog steeds over.“


Dit artikel werd gepubliceerd door KifKif.be op 03/04/2019

vorige volgende

Reacties

Plaats een reactie