© Mile Svilar
reacties (0)

Mile Svilar (18), sinds augustus 2017 actief bij Benfica, voelt zich goed in de Portugese hoofdstad. De Belgisch-Servische voetballer beleefde de afgelopen vijf maanden ups en downs. Op 14 oktober 2017 maakte hij zijn profdebuut bij ‘de adelaars’ van ‘Sport Lisboa e Benfica’. Vier dagen later ging een kinderdroom in vervulling. Svilar werd de jongste doelman in de Champions League ooit. Hij brak het record van zijn grote voorbeeld Iker Casillas.

Een taxirit met bestemming Almada, een gemeente op een twintigtal kilometer van Lissabon. Daar woont Mile Svilar samen met zijn even bekende vader Ratko en joviale moeder Mariana. Vijf maanden geleden verliet Svilar landskampioen RSC Anderlecht. In België werd hij na zijn overgang naar Benfica soms afgeschilderd als een rebel die boven zijn stand leefde. Maar dat is niet de man die nu voor ons zit. Mile koestert geen wrok tegenover Anderlecht. “Ik heb er een heel leuke periode gehad”, zegt de achttienjarige Mile. “Het leven loopt nu eenmaal zoals het loopt.”

Svilar vertoeft ondertussen al bijna een half jaar in de hoofdstad van Europees kampioen Portugal. Met de overgang van België naar Portugal had de goalie niet al te veel last. “Het ging eigenlijk allemaal vrij gemakkelijk”, steekt Mile van wal. “Na een week of twee had ik me hier al goed aangepast. In het begin is het natuurlijk altijd bang afwachten hoe je in de groep aanvaard wordt. Maar de spelers, de trainer en de fans hebben me onmiddellijk met open armen ontvangen. Daar ben ik hen erg dankbaar voor.”

Business before pleasure

In een wereldstad als Lissabon is het voor een jongvolwassene niet vanzelfsprekend om zomaar direct je draai te vinden. De jongste Svilar wil zich vooral op de sport focussen: business before pleasure. “Ik heb de stad zelf nog niet zoveel kunnen bezoeken”, zegt hij. “Mijn leven draait natuurlijk voor een heel groot deel rond voetbal. Dat betekent trainen, eten en slapen. De weinige keren dat ik toch eens de stad heb kunnen intrekken, ben ik vooral gaan winkelen”, lacht Svilar. “Lissabon is echt wel een mooie, gezellige, aangename stad. Een leuke, warme stad om in te wonen.”

Naast de stad draait het voor Mile vooral rond zijn prestaties op het veld. Van Anderlecht naar Benfica: beide clubs zijn recordkampioen in hun land en clubs met een grote geschiedenis, maar het verschil blijft toch groot. Benfica is een Europese grootmacht. Anderlecht is dat ook geweest, maar zakte de afgelopen jaren wat weg. Svilar beseft dat wat hij meemaakt uitzonderlijk is. “Het voelt enorm goed. Ik ben daar ongelooflijk trots op, maar ik probeer me vooral op mijn spel te focussen. Benfica is een grote club, zelfs nog groter dan ik verwacht had. Maar als je gaat zweven, loopt het sowieso fout af. Dat wil ik voorkomen. In het begin is het dus puur trainen als een beest en proberen om elke dag een tikkeltje beter te worden.”

Iker Casillas

Op 14 oktober 2017 maakte de jonge doelman zijn profdebuut in de bekerwedstrijd tegen Olhanense. Vier dagen later werd Svilar de jongste keeper in de Champions League ooit. Achttien jaar en tweeënvijftig dagen oud was hij op dat moment. De zoon van Ratko stootte ex-Real Madridlegende Iker Casillas (18 jaar en 177 dagen) van de troon. “Waanzinnig! Fierheid tot en met. Casillas is toevallig van kleins af aan mijn idool geweest”, grinnikt Mile. “Ik heb ook al het geluk gehad om hem te ontmoeten. Vorige maand speelden we tegen zijn huidige club Porto en toen hebben we eventjes gepraat.”

“Hij feliciteerde mij met het feit dat ik zijn record had overgenomen en hij voorspelde me een mooie toekomst. Dat doet toch wel deugd om dat van zo iemand te horen. We hebben trouwens ook van truitje gewisseld.” Die dag kon voor Mile sowieso niet meer stuk. Ook al speelde Benfica toen, begin december, gelijk. Met een punt schiet je niet veel op. Al speelden ‘de adelaars’ een degelijke wedstrijd. “De laatste tien minuten moesten wel zelfs met tien man afwerken na een rode kaart voor Živković”, herinnert Mile zich nog goed.  

Romelu Lukaku

Svilar’s Champions-Leaguedebuut, een paar dagen later, tegen het Engelse Manchester United en Romelu Lukaku eindigde wel in mineur. Svilar ging in de fout bij een vrije trap van Marcus Rashford. “Ik stond vrij hoog opgesteld en schatte de bal een beetje fout in. De bal bleef bij de vrije trap erg lang hoog in de lucht. Ik weet tot op de dag van vandaag eigenlijk nog steeds niet of Rashford op doel wou trappen of dat het gewoon een slechte voorzet was. Doordat ik de bal niet volledig correct inschatte, moest ik om de bal te plukken net iets hoger springen dan normaal. Ik hing in de lucht en toen ik landde, stond ik met de bal achter de doellijn. Jammer, maar het voelde niet echt aan als een doelpunt van Manchester United.”

De flater had volgens Svilar niets te maken met de wind. “Er was die avond vrij weinig wind. Ons thuisstadion, het Estádio da Luz, is vrij dicht. Toen ik de beelden achteraf herbekeek, zag ik dat ik net voor Rashford trapte, met mijn rechterbeen een stap naar voor zette. Dat had ik niet mogen doen. Daardoor sprong ik bij mijn redding naar achteren en belandde ik met de bal achter de lijn.”

“Of de bal effectief achter de lijn was? Mijn eerste gevoel zei van wel. Als keeper voel je wanneer je niet goed zit. Ik hoopte dat de doellijntechnologie het tegendeel zou bewijzen, maar dat was uiteindelijk niet het geval. Ik keek nog even met puppyoogjes naar de scheidsrechter, maar zijn oordeel bleek achteraf wel het juiste te zijn”, weet Mile. Een pluim op de hoed van de ref!

Na de match kreeg Mile nog enkele troostende woorden van Lukaku. “Romelu zei dat hij erg trots op me was. Hij vertelde me dat ik iets verwezenlijkt had wat veel mensen in België afgelopen zomer niet van me verwacht hadden. Dat deed deugd om zoiets van uit zijn mond te horen.”

Bij Benfica zijn er ook een paar Servische, Bosnische en Kroatische spelers met wie ik erg goed overeenkom. We zijn één groep en steunen elkaar door dik en dun, maar je hebt binnen een club altijd wel bepaalde ‘kliekjes’. Dat hangt vooral van nationaliteiten en de taal die je spreekt af. Die vijf jongens (Fejsa, Živković, Kalaica, Krocinović en Seferović, red.) kan ik bijna alles vertellen.”

Portugese pers beenhard

Goed voor Mile dat hij terecht kan bij zijn ploegmaats, want de bakken kritiek na de match kwamen als een donderslag bij heldere hemel. Mile werd door verschillende Portugese kranten de grond in geboord. Gelukkig kreeg hij uit andere hoeken wel steun. “Eerlijk gezegd heb ik er niet teveel van gelezen. Ik heb wel enkele zaken opgevangen, maar die gaan het ene oor in en het andere er weer uit. Ik denk dat je goede en slechte kritiek hebt. Als het goede kritiek is die je kan helpen, zal ik deze goed opvatten. Als het praat is die alleen mijn vertrouwen naar beneden kan halen, dan laat ik het gewoon aan me voorbijgaan”, aldus Svilar. 

Dit seizoen komt er vooral veel kritiek op de Champions League-campagne. Benfica puurde geen enkel punt uit zes wedstrijden, nul op achttien. Desondanks doet de club het vrij goed in de Portugese Primeira Liga.Onze Portugese competitie is een erg moeilijke, maar de Champions League is wereldklasse. Het hoogste niveau dat er is. Ik weet zelf ook niet goed hoe die 0 op 18 er is gekomen. Wel weet ik dat we erg veel ongeluk gehad hebben. Niet kunnen scoren, bal op de paal, vier penalty’s tegen, drie owngoals. Echt wel tegenslag dus”, sakkert de keeper.

“Als het één keer niet meezit, blijft het meestal tegenzitten. Dat is wat we nu met Benfica meegemaakt hebben. Al denk ik dat we hierna toch min of meer onze rug hebben kunnen rechten. We hijgen in de nek van Sporting CP en leider Porto en willen zo snel mogelijk de leiding pakken.”

Júlio César

Wij Belgen hopen natuurlijk dat dit kan met Mile Svilar in doel. Een paar maanden geleden schoten de kansen voor de positie van eerste keeper voor Mile plots ferm de hoogte in. Zijn ondertussen ex-ploeggenoot en mededoelman Júlio César besloot midden in het seizoen om zijn voetbalschoenen aan de haak te hangen. “Het kwam wel een beetje onverwacht dat hij onmiddellijk zou stoppen met voetballen. We hebben het er samen over gehad, maar ik had niet verwacht dat hij het effectief zou doordrijven. Zeker zo snel niet.”

“Het is echt van de ene op de andere dag beslist. Ik vond het persoonlijk wel jammer, want ik kon erg goed met hem overweg. Het was een ware eer om met zulk een icoon te trainen. Hij was meer een leermeester dan een concurrent voor mij. Natuurlijk streden we om dezelfde plaats in doel, maar hoe oud hij ook mocht zijn, hij bleef een erg goede keeper. Dat heeft hij overigens jaren bewezen. Kijk naar zijn periode bij Inter Milaan.” 

Ik ben een keeper die uit zijn goal speelt, snel is, redelijk goede reflexen heeft en één-op-één in de voeten zijn plan trekt. Dat heb ik voor een groot deel te danken aan Júlio César. Ik heb wel nog veel werk op het vlak van stilstaande fases. Dat is iets wat ik bij veel collega-keepers ook hoor terugkomen.”

Ibracadabra

Júlio César staat vooral bekend om een farce die de Braziliaan in 2012 in de Milanese stadsderby uithaalde met ex-ploeggenoot Zlatan Ibrahimović. De dertiger lachte Zlatan voor het trappen van de strafschop voor het oog van tienduizenden Italianen uit. “Ik zie hier de humor wel van in. Waarschijnlijk zal César gewoon iets om te lachen gezegd hebben. Ik heb hem daar overigens iets over gevraagd. Hij vertelde me niet in detail wat er was gebeurd, maar het had iets te maken met wat ze op een training bij Internazionale hadden meegemaakt. Zelf zou ik zoiets misschien, bij een goede vriend van vroeger bij Anderlecht, ook nog durven riskeren. Dat is wel grappig”, glimlacht hij.

Jeugdig enthousiasme. Svilar loopt over van ambitie. “Benfica is een ploeg die in Portugal elk jaar kampioen zou moeten spelen. Ik wil met Benfica alles winnen wat er te winnen valt.”

Papa Ratko

Tips en tricks krijgt Mile vooral van vader Ratko, zelf gerenommeerd keeper en levende legende bij de Belgische eersteklasser Royal Antwerp FC. ‘”Ik kan op dit moment niet zeggen dat ik beter ben dan hij. Papa heeft namelijk een drie à vierhonderd matchen als prof op zijn palmares staan, terwijl ik er nog maar een tiental heb. Ik kan misschien wel zeggen dat ik op mijn leeftijd verder sta dan hij, maar ik wil met mijn voeten op de grond blijven. Ik vind mezelf dus zeker niet beter dan mijn vader. Alles ligt open voor de toekomst, maar je weet het nooit. Voor hetzelfde geld blesseer ik mezelf volgende week en is mijn carrière voorbij”, vertelt Svilar stoïcijns kalm.

“Werken, rusten en genieten. Beter kan ik het voetbal en mijn tijd in Lissabon niet beschrijven. Alleen moet je zien dat je de juiste afweging maakt. Op tijd weten te stoppen is een sleutelfactor. Teveel van iets is nooit goed.” Svilar is nog jong, maar heeft voor een achttienjarige al de nodige levenswijsheid. Op zulk een prille leeftijd verhuizen naar een vreemd land, maakt je snel volwassen. Mile durft naar de toekomst kijken. Een terugkeer naar een Belgische club valt ernstig te betwijfelen. Al blijft de deur op een kiertje staan.

“Ik hoop van niet. Met alle respect voor de Belgische competitie en de Belgische Voetbalbond, maar de Belgische Jupiler Pro League is van een lager niveau dan dat van de topclubs in Europa. Al weet je het nooit. Ik kan dit niet op voorhand zeggen. Ik keer in ieder geval elke vakantie terug naar België en hou ook van het land”, besluit Mile Svilar. Geen vaarwel, maar tot ziens!


Dit artikel werd gepubliceerd door Het Belang van Limburg op 27/01/2018
Dit artikel werd gepubliceerd door Het Nieuwsblad op 27/01/2018
Dit artikel werd gepubliceerd door Gazet van Antwerpen op 28/01/2018

vorige volgende

Reacties

Plaats een reactie